2-264

2-264

Sénat de Belgique

Annales

JEUDI 23 JANVIER 2003 - SÉANCE DE L'APRÈS-MIDI

(Suite)

Question orale de M. Wim Verreycken au ministre de l'Économie et de la Recherche scientifique, chargé de la Politique des grandes villes, sur «les archives sur la répression et la collaboration» (nº 2-1108)

De heer Wim Verreycken (VL. BLOK). - Heel wat geschiedkundigen, maar ook amateur-vorsers, ondervinden nogal wat problemen bij de consultatie van archieven over de collaboratie en de repressie. De grootste belemmering is de archiefwet van 24 juni 1955 die bepaalt dat archieven pas na honderd jaar mogen worden opengesteld. In de praktijk kan dat evenwel al na vijftig jaar. In voornoemd geval blijven de problemen echter torenhoog.

Minister van Justitie Verwilghen heeft zich vorig jaar in de bevoegde kamercommissie bereid verklaard om de voorwaarden voor de raadpleging van de archieven die de rechtelijke macht beheert, te versoepelen. Daarvoor zou een werkgroep worden samengesteld. Het versoepelen van de voorwaarden heeft echter enkel zin als ook werk wordt gemaakt van een aanpassing van de archiefwet. Ik kan hier verwijzen naar mijn wetsvoorstel van 28 juli 1992 dat leidde tot een compromisvoorstel, dat werd op 1 februari 1994 ingediend door de senatoren Cerexhe (PSC), Verreycken (Vlaams Blok), Marsoul (CVP), Hancké (SP) en Bertouille (PRL). Het voorstel strekte ertoe de archiefwet te vereenvoudigen en te versoepelen voor alle archieven, maar om een of andere reden verdween het onder het stof van een commissielade.

Komt er een aanpassing van de archiefwet? Zo ja, wanneer? Wordt de wet gedefederaliseerd? Overweegt de minister nog andere maatregelen die historisch relevante archieven toegankelijker kunnen maken? Pleegt de minister overleg met de minister van Justitie wat de timing van de te nemen maatregelen betreft?

De heer Charles Picqué, minister van Economie en Wetenschappelijk Onderzoek, belast met het Grootstedenbeleid. - De hervorming van de archiefwet is een van mijn prioriteiten. Op basis van een advies van de Raad van State over de verdeling van de bevoegdheden ter zake heeft mijn administratie een voorontwerp van wet voorbereid in samenwerking met een groep archivarissen die werden aangewezen door de Wetenschappelijke Raad van het Algemeen Rijksarchief. Voor ik het ontwerp kan voorleggen aan de Ministerraad, moet de minister van Begroting zich echter akkoord verklaren met de tekst. Hij werd daarom verzocht in juli 2002, maar heeft tot op heden geen antwoord gegeven. Ik stel voor dat het geacht lid de minister van Begroting over deze kwestie ondervraagt. Ik veronderstel dat hij zo snel als mogelijk een advies zal uitbrengen.

Ik kan niet antwoorden op al de overige vragen zolang het voorontwerp van wet niet is goedgekeurd door de Ministerraad. Zodra het ontwerp bij de ministerraad is ingediend, ben ik bereid om de inhoud ervan toe te lichten. Misschien is de heer Verreycken wat teleurgesteld met het antwoord. Hij zal wel begrijpen dat ik de inhoud van het ontwerp vandaag niet kan onthullen omdat ik eerst mijn collega's moet raadplegen. Bij de uitwerking van het ontwerp is uiteraard rekening gehouden met het aspect toegankelijkheid en met de versoepeling van de procedures. Er kan uiteraard geen sprake zijn van defederalisering. Ik zeg het nogmaals. Zodra het ontwerp is goedgekeurd door de Ministerraad, ben ik bereid de verschillende aspecten van het ontwerp toe te lichten.

De heer Wim Verreycken (VL. BLOK). - Ik apprecieer het antwoord van de minister, maar eigenlijk komt het neer op `Morgen scheert men gratis'. `Morgen' betekent dus wachten. De regering zou beter een termijn verbinden aan de indiening van het ontwerp. Zeker in de huidige politieke context zou het interessant zijn te weten hoeveel dagen en/of weken de administratie van Financiën of van de ministerraad nog nodig hebben om het werk af te ronden.

Ik wijs erop dat ik geregeld wordt geconsulteerd door historici die al jarenlang zitten te wachten. Ze dringen aan op de totstandkoming van de wet om hun werk te kunnen voortzetten. De zaak wordt al sinds 1994 op de lange baan geschoven. De archiefwet is dringend aan herziening toe. Zoals de minister suggereert, zal ik de minister van Begroting vragen wanneer het ontwerp aan het Parlement kan worden voorgelegd. Maar het zou natuurlijk wel handig zijn mocht minister Picqué vandaag al een termijn kunnen aangeven.

De heer Charles Picqué, minister van Economie en Wetenschappelijk Onderzoek, belast met het Grootstedenbeleid. - Gelet op de draagwijdte van het ontwerp is er ook een budgettaire weerslag die we niet uit het oog mogen verliezen. De minister van Begroting zal ons misschien dwingen om het ontwerp te wijzigen. Geef me wat tijd om op de verschillende vragen te antwoorden.