2-1344/3

2-1344/3

Belgische Senaat

ZITTING 2002-2003

27 NOVEMBER 2002


Wetsontwerp tot bekrachtiging van sommige bepalingen van het koninklijk besluit van 23 oktober 2001 tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 augustus 1998 tot vaststelling van de retributies en bijdragen verschuldigd aan het Begrotingsfonds voor grondstoffen


Evocatieprocedure


VERSLAG

NAMENS DE COMMISSIE VOOR DE SOCIALE AANGELEGENHEDEN UITGEBRACHT DOOR MEVROUW VAN RIET


I. INLEIDING

Dit wetsontwerp, dat ressorteert onder de optioneel bicamerale procedure, werd op 7 november 2002 aangenomen door de Kamer van volksvertegenwoordigers en op 8 november 2002 overgezonden aan de Senaat.

Het is op 13 november 2002 geŽvoceerd. De commissie voor de Sociale aangelegenheden heeft het ontwerp in haar vergadering van 27 november 2002 besproken in aanwezigheid van de minister van Consumentenzaken, Volksgezondheid en Leefmilieu.

II. INLEIDENDE UITEENZETTING VAN DE MINISTER VAN CONSUMENTENZAKEN, VOLKSGEZONDHEID EN LEEFMILIEU

De heer Tavernier, minister van Consumentenzaken, Volksgezondheid en Leefmilieu licht toe dat voorliggend wetsontwerp ertoe strekt fondsen te voorzien ter financiering van de uitgaven van het CONSUM-programma, dat na de dioxinecrisis werd opgezet om besmettingen in diervoeders vast te stellen en te voorkomen. De kosten van dit bewakingsprogramma worden bij de betrokken sectoren gelegd.

Op 23 oktober 2001 werd het koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 1998 tot vaststelling van de retributies en bijdragen verschuldigd aan het Begrotingsfonds voor de Grondstoffen genomen, dat de bijdrage vastlegde op 1,5 promille op het zakencijfer van de bedrijven die veevoeder produceren. Deze bepalingen moeten worden bekrachtigd door de wetgever in de loop van het jaar volgend op dat waarin het koninklijk besluit in het Belgisch Staatsblad werd bekendgemaakt.

III. ALGEMENE BESPREKING

De heer D'Hooghe merkt op dat er veel problemen geweest zijn bij de uitvoering. Voorziet de minister geen problemen met de betrokken sector ? Hij wijst er op dat in andere landen de kosten door de overheid worden gedragen. Kan deze extra bijlage de concurrentiepositie van de Belgische veevoedersector niet verzwakken ?

De minister antwoordt dat na de dioxinecrisis duidelijk werd dat een bewakingsprogramma noodzakelijk was, wat een supplementaire kost voor de overheid zou inhouden. Vermits de sector zelf aan de basis van de problemen ligt, is het logisch dat hij bijdraagt tot de financiering van het bewakingsprogramma. De sector krijgt er ook iets voor in de plaats, namelijk gecertifieerd veilig voeder, wat ongetwijfeld positieve gevolgen zal hebben in het buitenland.

IV. BESPREKING VAN DE AMENDEMENTEN

Artikel 2

De heer D'Hooghe dient een amendement in (stuk Senaat, nr. 1344/2, amendement nr. 1) dat ertoe strekt artikel 2 te doen vervallen. De indiener verwijst naar zijn schriftelijke verantwoording.

Artikel 3

De heer D'Hooghe dient een amendement in (stuk Senaat, nr. 1344/2, amendement nr. 2) dat ertoe strekt artikel 3 te doen vervallen. De indiener verwijst naar zijn schriftelijke verantwoording.

V. STEMMINGEN

Amendementen nrs. 1 en 2 worden eenparig verworpen door de 8 aanwezige leden.

Het wetsontwerp in zijn geheel wordt eenparig aangenomen door de 8 aanwezige leden.

Vertrouwen werd geschonken aan de rapporteur voor het opstellen van dit verslag.

De rapporteur, De voorzitter,
Iris VAN RIET. Jacques D'HOOGHE.

De door de commissie aangenomen tekst
is dezelfde als de tekst
van het door de Kamer van volksvertegenwoordigers
overgezonden wetsontwerp
(zie stuk Kamer nr. 50-2061/5)