2-134

2-134

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 5 JULI 2001 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van de heer Jean-Marie Dedecker aan de minister van Binnenlandse Zaken over źde budgettaire norm voor de Westkustzone╗ (nr. 2-675)

De heer Jean-Marie Dedecker (VLD). - Voor de Westkustzone, namelijk De Panne, Koksijde en Nieuwpoort, werd de budgettaire norm, de KUL-norm, via een regressie - analyse op 135,6 eenheden vastgesteld. Deze norm is absoluut niet in verhouding tot de benodigde capaciteit. De wetenschappelijke studie houdt blijkbaar geen rekening met de parameters "kusttoerisme" en "grens", in casu met Frankrijk. Het is bekend dat in dit gebied veel criminaliteit voorkomt, gelet op de tabakshandel in de streek van Veurne en Adinkerke. Dit heeft grotere budgettaire gevolgen voor de Westkust. Hoe denkt de minister dat in de toekomst te kunnen oplossen?

Een irreŰle minimumnorm wordt opgedrongen ten gevolge van een budgettaire maatstaf, bij gebrek aan een functionele norm. Dit heeft repercussies voor de personeelsinzet aan de Westkust. Het personeel van de vroegere rijkswacht kan afvloeien maar niet aangeworven worden, zodat dit tot afbouw van de huidige basispolitiezorg leidt. Dient de Westkustzone zijn politiezorg af te bouwen in vergelijking met vroeger?

Hoe rijmt de minister artikel 38 van de wet op de ge´ntegreerde politie met de minimumnorm voor de Westkust? Aangezien de Koning de minimumnorm zal bepalen, rekening houdend met de specifieke kenmerken van de zone, menen wij dat de vooropgestelde minimumnorm juist geen rekening houdt met de specifieke kenmerken van een kust- en grenszone die zwaar belast wordt met seizoens- en grenscriminaliteit. Kan de minister instemmen met een koninklijk besluit tegen die wet?

Het arrondissement Veurne en de criminaliteitsgevoelige en strategische Westkustzone zullen worden gehypothekeerd als op korte termijn de budgettaire norm niet wordt gecorrigeerd. De burgemeesters deden voordien zeer grote inspanningen wat de politiezorg betreft en zijn nu niet bereid tientallen miljoenen extra op te hoesten als gevolg van een lacune in de genoemde studie.

De heer Antoine Duquesne, minister van Binnenlandse Zaken. - Ik kan alleen vaststellen dat de heer Dedecker de terminologie `budgettaire norm', `KUL-norm' en `functionele norm' door elkaar haalt.

De KUL-norm heeft alleen tot doel op basis van een wetenschappelijke studie het beschikbare "politiegeld" op objectieve wijze te verdelen over alle 196 zones van ons land.

In totaal werden meer dan 20 parameters in aanmerking genomen in de regressie-analyse die gehanteerd werd voor deze verdeling. De factor "toerisme" en de invloed van de "grens" werden wel degelijk in aanmerking genomen, net zoals andere parameters. De 135,6 is dus de KUL-norm die met een forfaitair bedrag wordt vermenigvuldigd. Dat komt neer op 93.127.887 frank, die de bijdrage van de federale overheid in de organisatie van de lokale politie vertegenwoordigt.

We spreken nog altijd van een ontwerp van koninklijk besluit op de minimumnormen, overeenkomstig artikel 38 van de wet op de ge´ntegreerde politie. Het gaat hierbij om ondergrenzen. De Westkustzone kan dus een dertigtal effectieven meer betalen dan totnogtoe het geval is, en is dus niet verplicht haar basispolitiezorg af te bouwen.

We zullen in elk geval de werking van het lokale niveau grondig evalueren. We zullen zowel de KUL-norm, de grootte van de zones, de functionele normen, de minimumnormen, de geraamde statutaire meerkost en zomeer aan een grondige evaluatie onderwerpen. Eind 2002 zullen deze gegevens bekend zijn. Op dat ogenblik zal de regering haar verantwoordelijkheid nemen, op basis van objectieve en gemotiveerde criteria.