Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat

ZITTING 1996-1997


Bulletin 1-32

19 NOVEMBER 1996

Vragen waarop niet werd geantwoord binnen de tijd bepaald door het reglement
(Art. 66 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands ≠ (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Ambtenarenzaken

Vraag nr. 43 van de heer Olivier d.d. 11 oktober 1996 (N.) :
Indienstneming van contractuelen om te voldoen aan uitzonderlijke en tijdelijke personeelsbehoeften in 1997.

In het Belgisch Staatsblad van 3 augustus jongstleden verscheen omzendbrief nr. 437 inzake indienstneming van contractuelen om te voldoen aan uitzonderlijke en tijdelijke personeelsbehoeften in 1997.

Tegen uiterlijk 20 september moesten de besturen en andere diensten van de federale ministeries en de instellingen van openbaar nut waarover zij gezag, controle of toezicht uitoefenen aan de ministers van Begroting en van Ambtenarenzaken de aanvragen laten geworden voor de indienstneming van contractuelen om te voldoen aan uitzonderlijke en tijdelijke personeelsbehoeften.

In antwoord op een vraag om uitleg van volksvertegenwoordiger DaniŽl Vanpoucke van 22 mei 1996 stelde de minister dat de contractuele ambtenaren in dienst worden genomen op voorwaarde dat zij geslaagd zijn voor een examen of een gedeelte van een examen voor de indienstneming van statutaire ambtenaren, of geslaagd zijn voor een selectietest die ongeveer om de twee maanden door het Vast Wervingssecretariaat (VWS) wordt georganiseerd. De wervingsreserves van het VWS zouden momenteel echter reeds 20 000 kandidaten bevatten. Daarom verzoekt het VWS geÔnteresseerde werkzoekenden hun kandidatuur te stellen bij de administraties.

Graag had ik van de geachte minister een antwoord op volgende vragen.

1. Welke besturen en andere diensten van de federale ministeries en instellingen en instellingen van openbaar nut waarover zij gezag, controle of toezicht uitoefenen hebben een aanvraag ingediend voor indienstneming van contractuelen om te voldoen aan uitzonderlijke en tijdelijke personeelsbehoeften ?

2. Op basis van welke elementen wordt het uitzonderlijk en tijdelijk karakter van de personeelsbehoeften door de vermelde openbare diensten gemotiveerd ? Hoeveel contractuelen (en van welke graad) worden door de onderscheiden openbare diensten aangevraagd ?

3. Welke criteria worden door de geachte minister gehanteerd om deze aanvraag al dan niet positief te beantwoorden ?

4. Zullen de kandidaten opgenomen in de wervingsreserves van het VWS op de hoogte worden gebracht van de vacatures van contractueel ambtenaar bij de vermelde openbare diensten zodat zij zich, in geval van interesse, kandidaat kunnen stellen voor de functie ? Indien neen, hoe zal de aanwervingsprocedure dan verlopen ?

5. In antwoord op de vraag om uitleg van volksvertegenwoordiger DaniŽl Vanpoucke stelt de geachte minister dat hij zich niet rechtstreeks mengt in de indienstneming van contractuele ambtenaren en dat de departementen over de indienstnemingen beslissen. Zal de geachte minister er evenwel op toezien dat de aangeworven contractuelen worden gerecruteerd uit de bestaande wervingsreserves van het VWS ?