4-59 | 4-59 |
Mevrouw Sabine de Bethune (CD&V). - In uitvoering van resolutie 1373 van de VN-Veiligheidsraad heeft de Raad van ministers van de EU op 27 december 2001 een Gemeenschappelijk Standpunt 931 (GS 931, 2001/931/CFSP) betreffende de toepassing van specifieke maatregelen ter bestrijding van het terrorisme aangenomen. Hierin werden een aantal criteria bepaald met het oog op het opstellen van een lijst van terroristische organisaties. Die lijst is niet louter declaratoir, maar heeft duidelijk juridische consequenties. Om de zes maanden wordt deze lijst herzien conform het Gemeenschappelijk Standpunt. Het verwijderen van een persoon of organisatie van deze lijst vergt evenwel de unanimiteit van de 25 lidstaten. Eén van de organisaties die op deze lijst vermeld staat, is de Organisatie van de Mujahedin van het Iraanse Volk (People's Mojahedin Organization of Iran, PMOI). Deze organisatie heeft nochtans een einde gemaakt aan alle militaire operaties en bepleit een diplomatieke oplossing om tot een democratisch regime in Iran te komen. Ondanks meerdere juridische uitspraken, onder andere van het Gerecht van Eerste Aanleg van de Europese Gemeenschappen om deze organisatie van de lijst te halen, is dit tot op heden geweigerd met als argument dat dit enkel kan op het moment dat de hele lijst wordt herbekeken.
Wanneer komt het bevoegde orgaan samen om de EU-lijst van terroristische organisaties te herbekijken conform de bepalingen van het GS 931?
Welke houding zal de Belgische vertegenwoordiger in het bevoegde orgaan aannemen ten aanzien van de PMOI, rekening houdende met Senaatsresolutie 3-1057, die in 2005 eenparig werd aangenomen en die onder andere vraagt `om in het kader van de EU te onderzoeken of het op basis van alle relevante en geactualiseerde gegevens, verantwoord is om de PMOI al dan niet op de EU-lijst te handhaven'?
Aangezien er unanimiteit onder de EU-lidstaten moet heersen, had ik graag de positie van de andere lidstaten gekend.
Wat is de argumentatie die de EU hanteert om de PMOI tot op heden op deze EU-lijst van terroristische organisaties te houden?
De heer Karel De Gucht, vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken. - Het Gerecht van Eerste Aanleg van de Europese Gemeenschappen heeft op 4 december 2008 de beslissing vernietigd van de Raad van de Europese Unie van 15 juli 2008, waarbij de Iraanse Volksmujahedin opnieuw toegevoegd werd aan de Europese lijst van personen en entiteiten die betrokken zijn bij terroristische activiteiten.
Het Gerecht was inderdaad de mening toegedaan dat de Raad de rechten van de verdediging van de Iraanse Volksmujahedin heeft geschonden omdat hij de nieuwe informatie, die aan de basis lag van de nieuwe toevoeging aan de Europese lijst, niet vóór de betwiste beslissing aan de betrokken partij heeft meegedeeld.
Het Gerecht meende ook dat de beslissing van de Raad stoelde op een nationale schikking die verdachte leden van de Volksmujahedin beoogde en niet op de organisatie zelf en dat de Raad bijgevolg op zijn minst moest uitleggen waarom de daden die aan de leden worden toegeschreven, ook aan de organisatie werden toegeschreven.
De Raad heeft akte genomen van de beslissing van het Gerecht.
Er zal binnenkort een nieuwe EU-lijst van terroristische organisaties verschijnen, conform de bepalingen van het GS 931. Het bevoegde orgaan dat de lijst controleert, komt geregeld samen. De lijst wordt continu gevolgd. De deliberaties van de groep blijven geheim.
Mevrouw Sabine de Bethune (CD&V). - Ik heb uit het antwoord van de minister niet kunnen afleiden welk standpunt de Belgische regering ter zake inneemt en of de PMOI al dan niet op de EU-lijst van terroristische organisaties zal blijven staan.
De heer Karel De Gucht, vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken. - Ik heb dat vrij duidelijk gezegd. Aangezien de deliberaties geheim zijn en blijven, kan ik het standpunt van de regering op dit ogenblik niet meedelen.
Dat standpunt wordt onder meer bepaald door de documenten die ter plaatse worden voorgelegd. Ik heb er geen enkel probleem mee dat men mij onmiddellijk na de beslissing opnieuw interpelleert over de houding van de Belgische regering en over de redenen daarvoor.
Mevrouw Sabine de Bethune (CD&V). - Ik zal dat zeker doen.
Op basis van de informatie waarover wij via de publieke informatiekanalen beschikken, pleit ik voor de schrapping van de PMOI van die lijst. We hebben daarover in de Senaat enkele maanden geleden een grondig debat gevoerd en zijn tot die conclusie gekomen.