Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 6-791

van Jean-Jacques De Gucht (Open Vld) d.d. 8 januari 2016

aan de vice-eersteminister en minister van Werk, Economie en Consumenten, belast met Buitenlandse Handel

Auteursrechten en billijke vergoeding - Beheersvennootschappen - Cultuur - Uitbetaling van de rechten

auteursrecht

Chronologie

8/1/2016 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 11/2/2016 )
8/3/2016 Antwoord

Vraag nr. 6-791 d.d. 8 januari 2016 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Het auteursrecht en onder meer de billijke vergoeding zijn inherent verbonden aan cultuur en het cultuurbeleid alsook aan het mediabeleid (via onder meer de televisie- en uitzendrechten en de reprografische rechten). Het betreft dan ook bij uitstek een transversale Gemeenschapsaangelegenheid.

In BelgiŰ zijn verschillende collectieve beheersmaatschappijen actief op het gebied van audiorechten en audiovisuele rechten. Het betreft een hele rits beheersvennootschappen die worden onderverdeeld in diverse groepen: de beheersvennootschappen van auteurs, de beheersvennootschappen van uitgevers, de beheersvennootschappen van uitvoerende kunstenaars, de beheersvennootschappen van producenten en de overkoepelende beheersvennootschappen.

Diverse maatschappijen kwamen in het verleden meermaals in een slecht daglicht te staan. Om het hele kluwen transparanter te maken, werden diverse wetgevende initiatieven genomen. Ik verwijs tevens naar de eerdere schriftelijke vraag nr. 4-4176, en meer bepaald naar de tabel die de toenmalige minister gaf voor de jaren 1998 tot 2008 betreffende de ge´nde rechten, de verdeelde rechten en het verschil tussen beide, alsook naar de schriftelijke vragen nrs. 5-1279 en 5-5186, waarin de cijfers voor 2010 werden vrijgegeven. Voorts gaf de minister een overzicht van de schulden die als passief voorkomen op de balans. Ik verwijs tevens naar uw uitvoerig antwoord van 13 maart 2015 op mijn schriftelijke vraag nr. 6-437, waarvoor dank. U gaf toen in uw antwoord aan dat u de cijfers voor het boekjaar 2014 nog niet kon mededelen, daar het boekjaar 2014 nog niet was afgesloten.

Ter aanvulling van deze gegevens had ik heden graag het totaalplaatje gehad zoals dit eerder in de tabellen in het verleden werden gecommuniceerd (vraag nr. 6-437).

Hieromtrent heb ik dan ook volgende vragen:

1) Ik kreeg graag een overzicht voor elke beheersvennootschap van:

a) voor de jaren 2012 tot 2014, de ge´nde rechten per jaar, de verdeelde rechten per jaar, het verschil tussen beide en de verhouding tussen beide, eveneens respectievelijk voor deze drie jaren;

b) de schulden die als passief voorkomen op de balans van elke vennootschap voor dezelfde jaren en dit in het licht van de nieuwe wetgeving.

2) Kan u tevens de totaalbedragen geven tussen de jaartallen 1998 en 2014 alsook het uitkeringspercentage?

3) Kan de geachte minister deze cijfers duiden? Is er uiteindelijk daadwerkelijk sprake van een dalende trend zoals u in uw eerder antwoord aangaf? Hoe schat u de impact in van de in werking getreden maatregelen ter verhoging van de transparantie?

Antwoord ontvangen op 8 maart 2016 :

1) a) Allereerst kan ik het geachte lid naar het meest recente jaarverslag van de Controledienst beheersvennootschappen verwijzen met name dit omtrent het activiteitenjaar 2014 dat online te raadplegen is op de website van de federale overheidsdienst (FOD) Economie, namelijk http://economie.fgov.be/nl/modules/publications/general/rapport_annuel_2014_service_de_contr_le_des_societes_de_gestion_du_droit_d_auteur_et_des_droits_voisins.jsp, waarin een overzicht wordt gegeven van de sector omtrent het beheer van auteurs- en naburige rechten. Hierin staat een meer uitvoerige bespreking van de cijfers opgenomen, met name op de pagina’s 9 tot 31.

In mijn antwoord op schriftelijke vraag nr. 6-437 gaf ik inderdaad aan dat de cijfers voor het boekjaar 2014 nog niet beschikbaar waren. De Controledienst beheersvennootschappen beschikt nu over deze cijfers en ik kan het geachte lid dan ook voor de gevraagde jaren een overzicht geven.

Wat betreft de geïnde en betaalde rechten voor boekjaren 2012, 2013 en 2014 verwijs ik het geachte lid naar tabel 1, waarin de gegevens terug te vinden zijn uit de jaarlijkse aangiften van de beheersvennootschappen bij de Controledienst van 2012 (kolommen 2 en 5), 2013 (kolommen 3 en 6) en 2014 (kolommen 4 en 7). Voor het boekjaar 2014 kunnen er wel nog aanpassingen gebeuren en zullen de definitieve cijfers pas beschikbaar zijn in juni 2016. Ik merk hierbij op dat de cijfers van de beheersvennootschappen Almo en Güfa wegens onvolledigheid niet opgenomen zijn in deze tabellen.

Een vergelijking tussen de totaal geïnde en de totaal betaalde bedragen over de relatief korte termijn van drie jaar kan misleidend zijn aangezien de bedragen die aan de rechthebbenden werden betaald in de loop van één jaar niet noodzakelijk overeenstemmen met de rechten die datzelfde jaar door de beheersvennootschappen werden geïnd. Dat er een zekere tijd verstrijkt tussen het innen, het verdelen en effectieve betaling van de rechten is inherent aan het verdelingsproces. Alvorens de geïnde rechten worden uitbetaald aan de rechthebbenden, moet immers met voldoende graad van zekerheid en precisie bepaald worden op basis van allerhande gegevensbronnen (playlists, steekproeven, gegevens van gebruikers, …) welk bedrag aan elke rechthebbende toekomt. De beheersvennootschappen zijn echter verplicht de inning en verdeling van rechten binnen een redelijke termijn te volbrengen. Artikel XI.252, § 2, van het Wetboek van economisch recht (hierna WER) verplicht de beheersvennootschappen ertoe de geïnde rechten te verdelen aan de rechthebbenden binnen een termijn van vierentwintig maanden. Indien zij hierin niet slagen, dienen zij in hun jaarverslag aan te geven voor welke rechten dit het geval is en hiervoor een motivering te geven. De Controledienst zal in 2016 de aandacht leggen op het feit of de verdelingen binnen de vierentwintig maanden zijn gebeurd en indien dit niet het geval is of de betrokken beheersvennootschap de nodige motivering hieromtrent geeft in haar jaarverslag.

Zoals ik ook in mijn antwoord op schriftelijke vraag nr. 6-437 heb aangegeven, is het nuttiger om de totaalbedragen te bekijken tussen 1998 en 2014 zoals het geachte lid kan raadplegen in tabel 2. Kolom 2 geeft de totaal geïnde bedragen tussen 1998 en 2014 weer, kolom 3 de totaal betaalde bedragen tussen 1998 en 2014 en kolom 4 het verschil tussen beide. Er dient evenwel te worden verduidelijkt dat die bedragen gebaseerd zijn op de effectieve inningen en betalingen. De cijfers in kolom 4 mogen dan ook niet worden verward met de schuld aan rechthebbenden, die gebaseerd is op de geboekte bedragen.

In de laatste kolom kan het geachte lid de verhouding tussen beide zien per beheersvennootschap. De verhouding tussen de totaal geïnde en totaal betaalde bedragen tussen 1998 en 2014 over alle beheersvennootschappen heen bedraagt 73,02 %. De resterende 26,98 % omvat naast commissies van de beheersvennootschappen eveneens voorbehouden rechten en niet toewijsbare rechten ingevolge artikel XI.264 WER. Eveneens moet er rekening mee worden gehouden dat in de 26,98 % ook nog bepaalde rechten geïnd in 2013 en 2014 zitten die binnen een termijn van vierentwintig maanden onder de rechthebbenden worden verdeeld.

1) b) Gelet op het feit dat de Controledienst enkele foutieve bedragen heeft vastgesteld bij enkele beheersvennootschappen voor wat betreft hun schuld aan de rechthebbenden, kan ik momenteel nog niet de bedragen van het boekjaar 2014 meedelen. Zoals ik heb aangegeven in mijn antwoord op schriftelijke vraag nr. 6-437 waren de cijfers voor wat betreft de situatie op 31 december 2013 nog niet finaal gecontroleerd. De Controledienst heeft na controle vastgesteld dat vier bedragen dienden te worden aangepast in vergelijking met de voorheen gecommuniceerde bedragen. In tabel 3 vindt het geachte lid daarom de schuld aan de rechthebbenden per beheersvennootschap met in kolom 2 de toestand op 31 december 2011, in kolom 3 op 31 december 2012 en in kolom 4 op 31 december 2013. Deze gegevens zijn afkomstig van de jaarlijkse aangiften van de beheersvennootschappen zoals neergelegd bij de Controledienst en gecontroleerd op grond van de jaarrekeningen neergelegd bij de Nationale Bank van België (NBB). Op 31 december 2013 bedroeg de schuld aan de rechthebbenden 524 033 369 euro.

Een vergelijking tussen de totale schuld aan rechthebbenden van alle beheersvennootschappen op 31 december 2011 en deze op 31 december 2013 geeft aan dat er geen sprake is van een dalende trend (zoals voorheen gecommuniceerd), maar van een stijgende trend en dit met 57,5 miljoen euro of 12,3 %. Gelet op het feit dat de cijfers wat boekjaar 2014 betreft momenteel nog worden geverifieerd, is het moeilijk om te stellen of deze trend aanhoudt.

Deze schuld van 524 miljoen euro lijkt aanzienlijk en geeft regelmatig aanleiding tot kritiek. Zoals hoger vermeld moeten de verdelingen binnen een termijn van vierentwintig maanden na inning gebeuren. Er moet dus worden nagegaan of de schuld op 31 december 2013 de som van de inningen van 2012 en 2013 niet te sterk overstijgt.

Wanneer wordt gekeken naar het totaal van de inningen (zie tabel 1), dan blijkt dat de som van de inningen van 2012 en 2013 635 miljoen euro bedraagt. Aangezien de totale schuld op 31 december 2013 onder dat bedrag ligt, moet geconcludeerd worden dat de betalingen aan de rechthebbenden wel degelijk plaatsvinden binnen de vierentwintig maanden waarin de wet voorziet (voor 2013 bedroeg het algemene gemiddelde in werkelijkheid 19,7 maanden).

Er dient te worden onderstreept dat het bedrag van de schuld aan rechthebbenden berekend wordt op basis van de geboekte rechten, wat impliceert dat dat bedrag geïnde rechten omvat, maar ook facturen die betwist worden door de gebruiker en niet-geïnde facturen.

Het moment waarop de vergoeding voor de beheersvennootschap geboekt wordt, verschilt onder meer naargelang van de complexiteit van de toekenning van de rechten aan de individuele rechthebbenden. Sommige vennootschappen kunnen het bedrag van de vergoeding bepalen op het moment van de inning, terwijl andere dat bedrag of een deel ervan slechts kunnen bepalen bij de verdeling van de rechten. De schuld aan rechthebbenden is dan ook een brutobedrag dat gedeeltelijk de commissie van de vennootschappen omvat. De schuld aan rechthebbenden bevat tevens gereserveerde bedragen die later aan de rechthebbenden zullen worden uitbetaald volgens de verdelingsregels van elke vennootschap. Bovendien zullen in bepaalde gevallen bij dat bedrag de kosten worden ondergebracht voor de bijdrage aan het organieke fonds, voor uitgaven voor sociale, culturele of educatieve doeleinden, financiële lasten voor rekening van de rechthebbenden, de roerende voorheffing, eventueel de belasting op de toegevoegde waarde (btw) die moet worden betaald aan de btw-plichtige rechthebbenden en andere lasten die door de rechthebbenden zouden moeten worden gedragen.

2) Ik verwijs hiervoor naar het antwoord op vraag 1).

3) Een reeks ingrijpende veranderingen voor beheersvennootschappen werd ingevoerd bij het koninklijk besluit van 25 april 2014 betreffende de administratieve en boekhoudkundige organisatie, de interne controle, de boekhouding en de jaarrekeningen van de vennootschappen voor het beheer van auteursrechten en naburige rechten alsook de informatie die zij moeten verschaffen (Belgisch Staatsblad van 27 juni 2014), waarbij enkele bepalingen in werking getreden zijn op 1 oktober 2014 en het merendeel op 1 januari 2015. Deze verplichtingen hebben voornamelijk als doel de transparantie van het beheer door de beheersvennootschappen te bevorderen, dit door hen onder meer te verplichten een analytische boekhouding in te stellen, in interne controlemechanismen en risicoanalyses te voorzien, meer informatie te verschaffen aan rechthebbenden en gebruikers, en een duidelijke afscheiding te verzekeren tussen het eigen vermogen van de beheersvennootschap en dat van de rechthebbenden. Tevens voert het koninklijk besluit een harmonisering in zodat de beheersvennootschap op eenzelfde wijze hun rechten moeten boeken. Vanaf het boekjaar 2015 zijn de beheersvennootschappen ertoe gehouden om hun boekhouding te voeren volgens de bepalingen uit dit besluit. Dit zal de Controledienst in staat stellen gerichtere analyses te maken van de financiële gegevens van de beheersvennootschappen.

Eveneens moeten de beheersvennootschappen op een duidelijk leesbare plaats op hun website onder andere het bedrag aan geïnde rechten vermelden, de directe en indirecte kosten verbonden aan die inningen, het bedrag van de verdeelde rechten, betaalde rechten, en nog te verdelen rechten, alsook de werkingskosten opnemen.

Een andere doorgevoerde wijziging stelt dat de beheersvennootschappen ertoe gehouden zijn om minder dan 15 % werkingskosten te hebben van het gemiddelde van de tijdens de laatste drie boekjaren geïnde rechten. Dit wordt zo voorzien onder artikel XI.252, § 3, WER. Indien een beheersvennootschap dit plafond overschrijdt, dan moet ze dit op volledige, precieze en gedetailleerde wijze motiveren in haar jaarverslag.

Voorts kan erop worden gewezen dat er in 2016 een wet tot omzetting van de richtlijn 2014/26/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende het collectieve beheer van auteursrechten en naburige rechten en de multiterritoriale licentieverlening van rechten inzake muziekwerken voor het online gebruik ervan op de interne markt zal volgen.

In deze richtlijn worden meer regels ter bevordering van de transparantie ten aanzien van de activiteiten van de beheersvennootschappen ingevoerd. De Belgische regelgeving moet in tegenstelling tot andere lidstaten minder aanpassingen ondergaan omdat in de meeste gevallen reeds een gelijkaardige regeling in de Belgische wetgeving staat opgenomen.

Een van de wijzigingen die wordt voorzien in de richtlijn is de aanpassing van de termijn om tot de verdeling van de rechten na inning over te gaan. Momenteel is deze dus nog vastgelegd op vierentwintig maanden na inning van de rechten waarbinnen een verdeling moet plaatsvinden, behoudens motivering. De richtlijn zorgt ervoor dat deze termijn wordt beperkt tot maximum negen maanden na afloop van het boekjaar van inning. De beheersvennootschappen blijven in de mogelijkheid om in het geval zij deze termijn overschrijden te motiveren waarom ze niet binnen de wettelijke termijn hebben kunnen verdelen.

Tabel 1 : Inningen en betalingen van rechten 2012 – 2013 – 2014

In euro

TOTAAL GEIND

2012

TOTAAL GEIND

2013

TOTAAL GEIND

2014

TOTAAL BETAALD

2012

TOTAAL BETAALD

2013

TOTAAL BETAALD

2014

AGICOA

24.262.180

23.005.080

23.885.709

14.870.209

21.986.851

20.150.331

ASSUCOPIE

1.197.889

981.106

707.374

997.385

987.100

912.900

AUVIBEL

25.105.592

24.218.307

29.272.813

22.911.609

23.503.130

25.970.311

BAVP

6.258.570

4.159.590

4.319.797

3.951.633

3.864.968

5.953.970

COPI EBEL

1.967.019

3.234.110

716.366

2.011.065

2.553.020

1.391.273

COPI EPRESSE

2.887.615

2.925.335

2.770.319

793.466

2.244.180

1.610.336

DE AUTEURS

32.563

483.074

1.768.992

18.921

333.833

1.200.481

IMAGIA

1.452.396

1.859.418

1.444.424

1.576.399

1.418.621

1.613.561

LIBRIUS

4.839.295

2.372.310

2.969.772

938.149

3.595.568

881.566

LICENSE2PUBLISH (Reprocopy)

3.176.952

2.549.177

2.328.739

2.172.021

3.474.845

2.150.033

PLAYRIGHT

16.889.881

17.950.428

19.072. 735

3.422.600

5.912.853

26.489.903

PROCIBEL

4.083.378

3.967.195

4.302.652

1.976.810

2.006.360

4.562.270

REPRO PP

984.242

171.565

50.766

423.185

529.912

609.729

REPROBEL

25.861.916

25.401.856

26.053.387

30.508.272

21.884.175

20.031.183

REPROPRESS

3.819.698

332.176

177.105

0

3.027.612

0

SABAM

150.452.039

139.931.927

144.095.048

98.328.288

99.554.616

98.404.076

SACD

17.364.706

17.788.203

18.893.890

14.789.614

15.527.915

6.380.989

SAJ / JAM

2.340.741

1.695.905

2.326.665

1.008.485

519.417

2.935.686

SCAM

6.455.322

6.423.112

6.801.117

5.412.451

5.333.097

3.310.163

SEMU

2.287.412

1.770.475

1.619.541

1.011.327

1.548.611

1.042.135

SIMIM

19.719.755

22.989.293

20.610.656

14.273.254

14.766.657

14.379.475

SOFAM

2.070.405

1.778.384

2.098.496

978.310

1.165.571

1.690.885

TONEELFONDS JANSSENS

262.873

275.993

258.360

177.420

193.205

161.538

VEWA

2.806.041

2.346.159

1.917.440

2.209.083

2.334.025

2.080.235

TOTAAL

326.578.478

308.610.180

318.462.163

224.759.956

238.266.143

243.913.027

Tabel 2 : Inningen en betalingen cumulatief 1998 – 2014

In euro

TOTAAL GEIND *

1998-2014

TOTAAL BETAALD *

1998-2014

SALDO TOTAAL GEIND – TOTAAL BETAALD *

PERCENTAGE TOTAAL BETAALD / TOTAAL GEIND *

AGICOA

284.947.981

227.856.246

57.091.735

79,96 %

ASSUCOPIE

14.078.884

10.783.295

3.295.589

76,59 %

AUYIBEL

265.338.139

240.838.810

24.499.329

90,77 %

BAYP

56.075.925

48.024.034

8.051.891

85,64 %

COPIEBEL

24.222.783

20.471.870

3.750.912

84,51 %

COPI EPRESSE

19.449.777

11.876.099

7.573.678

61,06 %

DE AUTEURS

2.284.629

1.553.236

731.393

67,99 %

IMAGIA

26.049.231

24.156.391

1.892.840

92,73 %

LIBRI US

39.810.695

30.834.795

8.975.900

77,45 %

LICENSE2PUBLISH (Reprocopy)

22.690.983

20.866.783

1.824.200

91,96 %

PLAYRIGHT (Uradex)

195.037.091

79.400.215

115.636.876

40,71 %

PROCIBEL

42.887.795

28.528.987

14.358.808

66,52 %

REPRO PP

6.669.613

4.284.250

2.385.363

64,24 %

REPROBEL

337.118.844

277.034.149

60.084.695

82,18 %

REPROPRESS

15.271.108

12.813.735

2.457.373

83,91 %

SABAM

2.113.714.445

1.485.805.909

627.908.536

70,29 %

SACD

213.486.182

173.508.110

39.978.072

81,27 %

SAJ / JAM

27.821.401

16.366.371

11.455.030

58,83 %

SCAM

75.310.031

56.211.537

19.098.494

74,64 %

SEMU

14.093.175

7.765.120

6.328.056

55,10 %

SIMIM

211.298.000

151.199.085

60.098.915

71,56 %

SOFAM

29.535.925

17.219.284

12.316.641

58,30 %

TONEELFONDS JANSSENS

2.494.670

1.690.449

804.221

67,76 %

YEWA

32.918.860

24.913.047

8.005.813

75,68 %

TOTAAL

4.072.606.168

2.974.001.809

1.098.604.359

73,02 %

Tabel 3 : Wijzigingen van de schuld aan de rechthebbenden

In euro

SCHULD AAN RECHTHEBBENDEN PER 31 DECEMBER 2011

SCHULD AAN RECHTHEBBENDEN PER 31 DECEMBER 2012

SCHULD AAN RECHTHEBBENDEN PER 31 DECEMBER 2013

AGICOA

55.452.653

57.029.245

60.159.327

ASSUCOPIE

1.995.381

2.173.463

1.982.522

AUVIBEL

32.561.747

32.915.484

32.580.693

BAVP

4.075.260

6.252.706

4.881.222

COPIEBEL

2.244.067

1.947.862

2.111.384

COPI EPRESSE

960.974

1.246.950

1.227.103

DE AUTEURS

0

14.573

154.471

IMAGIA

2.112.080

2.095.021

2.623.361

L1BRIUS

1.159.589

3.651.477

2.380.677

LICENSE2PUBLISH (Reprocopy)

995.891

199.582

166.021

PLAYRIGHT

93.877.834

102.321.150

107.097.491

PROCIBEL

12.268.361

14.481.801

16.574.839

REPRO PP

2.163.092

1. 781. 701

3.086.896

REPROBEL

39.411.248

34.036.098

19.935.554

REPROPRESS

499.936

3.837.544

942.444

SABAM

153.894.823

175.980.203

175.319.872

SACD

14.217.387

13.555.407

34.511.421

SAJ / JAM

3.689.599

4.322.463

5.142.803

SCAM

2.570.040

2.843.926

2.948.194

SEMU

2.152.462

2.828.857

2.520.995

SIMIM

28.364.504

31.504.750

35.191.276

SOFAM

4.527.609

4.703.381

4.673.717

TONEELFONDS JANSSENS

23.945

41.581

26.254

VEWA

7.302.423

7.829.532

7.794.832

TOTAAL

466.520.905

507.594.757

524.033.369