Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 6-770

van Philippe Mahoux (PS) d.d. 18 november 2015

aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid

Asbestfonds - Slachtoffers van mesothelioom of asbestose - Hulp van een derde persoon - Toelage - Zorgverzekering - Cumulatie - Toelating

asbest
beroepsziekte
kanker
bejaarde

Chronologie

18/11/2015 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 17/12/2015 )
23/12/2015 Antwoord

Vraag nr. 6-770 d.d. 18 november 2015 : (Vraag gesteld in het Frans)

Tijdens de vorige legislatuur werd een belangrijke vooruitgang geboekt inzake de vergoeding van asbestslachtoffers, dankzij een wetsvoorstel dat ik samen met meerdere collega's van de Senaat heb ingediend (cf. Stuk Senaat nr. 5-2279/1-2013/2014), dat de Wet houdende wijziging van de programma-wet (I) van 27 december 2006 met het oog op de uitbreiding van de tegemoetkomingen uit het Asbestfonds (Belgisch Staatsblad van 27 maart 2014, 2e ed., p. 26739) geworden is.

In essentie heeft de wetgeving toegelaten om de bijdragen van het Asbestfonds uit te breiden, teneinde tot een gelijkschakeling te komen van personen die een beroep doen op het Asbestfonds en diegenen die gebruik maken van het Fonds voor de Beroepsziekten.

Aldus kunnen de slachtoffers die een beroep doen op het Asbestfonds voortaan van de hulp van een derde persoon genieten, dankzij een maandelijkse tegemoetkoming, die gedifferentieerd wordt naargelang het een al dan niet voltijdse taak betreft .

We herinneren eraan dat het Asbestfonds sinds 1 april 2007 personen lijdend aan mesothelioom of asbestose vergoedt. Mesothelioom is een vorm van kanker die typisch is voor de blootstelling aan asbest. Hij is bijzonder gevaarlijk vermits hij op korte tijd fataal wordt. Ongeveer 80 % van de patiŽnten overlijdt binnen het jaar na de diagnose en slechts enkele patiŽnten overleven het tweede jaar.

Ik had graag vernomen of de maandelijkse tegemoetkoming binnen dit kader cumuleerbaar is of zal worden met de zorgverzekering die in Vlaanderen bestaat en die momenteel ter discussie ligt in de andere deelstaten, en hoeveel asbestslachtoffers ervan genieten.

Antwoord ontvangen op 23 december 2015 :

Het geachte lid vindt hieronder het antwoord op zijn vragen.

Inzake de hulp van een derde persoon bepaalt artikel 120, § 1, lid 5, van de programmawet (I) van 27 december 2006, die het Asbestfonds opricht, het volgende :

« Indien de toestand van de persoon die door de in artikel 118 bedoelde ziekte getroffen wordt, de geregelde hulp van een andere persoon volstrekt noodzakelijk maakt, kan hij vanaf de dag van de aanvraag aanspraak maken op een bijkomende vergoeding, vastgesteld in functie van de noodzakelijkheid van deze hulp, op basis van het gewaarborgd gemiddeld maandelijks minimumloon, zoals voor een voltijds werknemer is vastgesteld bij collectieve arbeidsovereenkomst gesloten in de schoot van de Nationale Arbeidsraad en van toepassing is op de datum waarop de bijkomende vergoeding wordt toegekend, voor zover die persoon geen vergoeding geniet voor dezelfde aandoening op grond van de wetten betreffende de preventie van beroepsziekten en de vergoeding van de schade die uit die ziekten voortvloeit, gecoördineerd op 3 juni 1970, of van de wet van 3 juli 1967 betreffende de preventie van of de schadevergoeding voor arbeidsongevallen, voor ongevallen op de weg naar en van het werk en voor beroepsziekten in de overheidssector. »

Behoudens de cumulatiebeperkingen vermeld in dit lid, legt de wet geen andere beperkingen op bij samenloop met een vergoeding voor geregelde hulp van een andere persoon.

Als er aldus een mogelijke samenloop is tussen deze genoemde vergoeding en een tegemoetkoming in het kader van de Vlaamse Zorgverzekering, zal de vergoeding voor geregelde hulp van een andere persoon die in het kader van het Asbestfonds wordt betaald aan de getroffene, niet worden verminderd.

Momenteel genieten eenentwintig mesothelioomslachtoffers, maar geen asbestoseslachtoffers, een vergoeding voor geregelde hulp van een andere persoon vanwege het Asbestfonds.