Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 6-1927

van Jean-Jacques De Gucht (Open Vld) d.d. 3 juli 2018

aan de minister van Energie, Leefmilieu en Duurzame Ontwikkeling

Cites (Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora, Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde soorten wilde dieren en planten) - Handel in beschermde dier- en plantensoorten - Handhaving - Maatregelen

bescherming van de fauna
bescherming van de flora
beschermde soort
dierenwinkel
zwarte handel
officiële statistiek
wild leven

Chronologie

3/7/2018 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 2/8/2018 )
9/12/2018 Dossier gesloten

Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 6-1923
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 6-1924
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 6-1925
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 6-1926
Heringediend als : schriftelijke vraag 6-2206

Vraag nr. 6-1927 d.d. 3 juli 2018 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

De federale overheid voerde in 2011 nieuwe straffen in voor personen die de regels op de handel in beschermde dier en plantensoorten (Cites, Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde soorten wilde dieren en planten) overtreden. Maar zij verliest zich in het Belgische kluwen. Immers, milieu is een bevoegdheid van de Gewesten maar handel is een federale bevoegdheid.

De wet van 28 juli 1981 houdende goedkeuring van de Overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier en plantensoorten, en van de Bijlagen, opgemaakt te Washington op 3 maart 1973, alsmede van de Wijziging van de Overeenkomst, aangenomen te Bonn op 22 juni 1979 (Cites wet), verbiedt de handel in beschermde dieren en planten, maar laat nog enkele afwijkingen toe. Een koninklijk besluit van 9 april 2003 inzake de bescherming van in het wild levende dier en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer geeft uitvoering aan de Cites wet.

Het koninklijk besluit voert onder meer modelformulieren in voor afwijkingen op het handelsverbod. Het legt bewaarmaatregelen op bij douanecontroles. En het bepaalt dat beschermde soorten kunnen gemerkt worden, met een vogelring, een tatouage, een chip, enz. Het koninklijk besluit bevat ook sancties voor personen die de uitvoeringsbepalingen overtreden. Een koninklijk besluit van 8 april 2011 tot wijziging van het koninklijk besluit van 9 april 2003 inzake de bescherming van in het wild levende dier en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer schrapt de sancties uit het basisbesluit en vervangt ze door nieuwe sancties.

Voortaan worden de overtredingen van het basisbesluit én van de Europese Cites verordening en Cites uitvoeringsverordening (verordening (EG) nr. 865/2006 van de Commissie van 4 mei 2006 houdende uitvoeringsbepalingen van verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad inzake de bescherming van in het wild levende dier en plantensoorten door controle op het desbetreffende handels verkeer), opgespoord en vastgesteld volgens de bepalingen van artikel 47 van de wet van 12 juli 1973 op het natuurbehoud (Natuurbehoudswet), en van artikel 7, eerste lid van de Cites wet.

Artikel 47 van de Natuurbehoudswet zegt echter dat milieuovertredingen in Vlaanderen worden opgevolgd volgens de regels van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid (Vlaams Milieuhandhavingsdecreet).

Artikel 47 werd opgeheven voor het Waalse en het Brusselse Gewest.

Volgens artikel 7 van de Cites wet zijn de volgende personen bevoegd om de overtredingen vast te stellen op federaal vlak:

– de officieren van gerechtelijke politie;

– de agenten van douane;

– de politie;

– bepaalde personeelsleden van het Bestuur van Waters en Bossen;

– bepaalde personeelsleden en de erkende dierenartsen van de federale overheidsdienst (FOD) Volksgezondheid.

De overtredingen van het basisbesluit én van de Europese Cites verordening en Cites uitvoeringsverordening worden volgens het wijzigingsbesluit bestraft overeenkomstig artikel 44 van de Natuurbehoudswet en overeenkomstig de artikelen 5, 5bis, en 7, derde lid, van de Cites wet.

Artikel 44 bestaat echter niet meer in Vlaanderen en Wallonië. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bepaalt artikel 44 dat diverse overtredingen moeten bestraft worden met een gevangenisstraf van vijftien dagen tot drie maanden, met een geldboete van 100 tot 2000 euro, of met een combinatie van deze straffen. Op de straflijst staan onder meer de overtredingen van de federale regels op de invoer, uitvoer of doorvoer van beschermde uitheemse diersoorten en hun krengen, of van beschermde uitheemse plantensoorten.

In Nederland worden door de politie en de Nederlandse voedsel en warenautoriteit regelmatig controles gehouden op verzamelbeurzen en brocantes en dit om illegaal ivoor, dierenvellen en illegaal geïmporteerde opgezette vlinders en ander dierlijk materiaal in beslag te nemen.

Wat betreft het transversaal karakter van deze vraag: milieu is een bevoegdheid van de Gewesten, maar handel is een federale bevoegdheid. Het betreft dus een transversale aangelegenheid met de Gewesten.

Ik had hieromtrent dan ook volgende vragen:

1) Welke specifieke controleacties vonden er de jongste jaren plaats inzake de handel in beschermde dier en plantensoorten (Cites)? Hoeveel processen verbaal werden er op jaarbasis uitgeschreven? Op welke locaties werd gecontroleerd en welke verboden dier en plantensoorten werden aangetroffen? Kan de minister uitvoerig toelichten welke inbeslagnames er gebeurden en op welke plaatsen?

2) Kan de minister hieromtrent concrete cijfers geven van de meest voorkomende illegale dier en plantensoorten die men in ons land aantreft, en dit op jaarbasis?

3) Welke levende diersoorten worden er in ons land illegaal verhandeld? Kan de minister dit cijfermatig toelichten op jaarbasis en per soort?

4) Welke maatregelen heeft de minister getroffen inzake de handel in ivoor? Kan hij dit zeer uitvoerig toelichten? Heeft dit zich reeds vertaald in concrete cijfers wat betreft inbeslagnames en veroordelingen?

5) Hoeveel mensen worden op jaarbasis vervolgd voor de handel in beschermde dier en plantensoorten (Cites) en dit in de laatste drie jaar?

6) Hoe verloopt het overleg tussen de verschillende federale departementen (douane, politie en de Federale Agentschap voor de veiligheid van de voedselketten FAVV) en de Gewesten inzake de controle op de handel in beschermde dier en plantensoorten (Cites)? Kan de minister toelichten welke concrete maatregelen genomen zijn, alsmede de inhoud en het tijdschema hiervan? Bestaat er structureel overleg?

7) Was er reeds overleg met de sector van de antiquairs met het oog op een goede naleving van de verstrengde Cites regels en dit met het oog op preventie? Indien dit het geval is, kan de minister toelichten wat de inhoud en het tijdschema van dit overleg is? Zo neen, waarom niet?

8) Welke inspanningen worden er geleverd op het vlak van de sensibilisering inzake het verbod op verkoop van beschermde dier en plantensoorten, en dit in het bijzonder bij brocantes, veilingzalen, braderijen en antiekbeurzen? Kan de minister dit uitvoerig toelichten?

9) Maakt de overeenkomst inzake de internationale handel in bedreigde soorten wilde dieren en planten (Cites) en de handhaving hiervan deel uit van de vaste opleiding van de politieagenten en de douane? Zo ja, kan de minister dit illustreren met het aantal lesuren?