Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 6-1840

van Jean-Jacques De Gucht (Open Vld) d.d. 26 april 2018

aan de vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken en Europese Zaken, belast met Beliris en Federale Culturele Instellingen

Project Safte - Wapenhandel - Regels - Afstemming - Zware wapens - Onderzoek - Cijfers

wapenhandel
zwarte handel
terrorisme

Chronologie

26/4/2018 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 4/6/2018 )
18/6/2018 Antwoord

Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 6-1839
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 6-1841

Vraag nr. 6-1840 d.d. 26 april 2018 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Uit onderzoek blijkt dat er steeds meer zware wapens beschikbaar zijn in Europa. Zonder een nieuw beleid dreigen nog zwaardere wapens uit conflictgebieden als OekraÔne en LibiŽ in handen te vallen van criminelen en terroristen, aldus een uitgebreid rapport van Project Safte, dat de terroristische toegang tot illegale vuurwapenmarkten in Europa onderzoekt en dat werd uitgebracht door het Vlaams Vredesinstituut.

De jongste jaren zijn bij terroristische groeperingen grote hoeveelheden vuurwapens in beslag genomen, ook oorlogswapens. Het is voor criminelen en terroristen makkelijker dan vroeger om aan sommige types vuurwapens te komen door de toegenomen smokkel uit post-conflictlanden, wettelijke achterpoortjes voor gedeactiveerde wapens en gemakkelijk converteerbare alarmpistolen.

Drie conclusies kunnen worden getrokken†:

1) de beschikbaarheid van zware wapens neemt toe in Europa†;

2) ondanks een nieuwe Europese wapenrichtlijn uit 2017 maken illegale wapenhandelaren nog altijd gebruik van verschillen in nationale wetgeving en de gebrekkige naleving van bestaande Europese regels†;

3) zonder nieuw beleid dreigen nog zwaardere wapens zoals raketwerpers uit de conflictgebieden OekraÔne en LibiŽ in handen te vallen van criminelen en terroristen.

In Nederland werden enkele grote wapenvangsten gedaan, waarbij opvallend veel wapens uit Slowakije kwamen. Het betreft automatische geweren en pistoolmitrailleurs van het merk CeskŠ Zbrojovka. De wapens waren in Slowakije onklaar gemaakt voor gebruik en konden daarom volgens de Slowaakse regels zonder vergunning worden geŽxporteerd. Eenmaal in de handen van een kundige wapenexpert konden de wapens echter weer schietklaar gemaakt worden. Er zijn via de Slowakijeroute sinds 2014 naar schatting 10†000 zware wapens op de Europese markt gekomen en een deel daarvan is gebruikt in Brussel en Parijs.

Een opvallende trend is dat steeds vaker wapens in onderdelen worden gekocht, veelal via internet. Dat kan legaal omdat onderdelen, zoals bijvoorbeeld de body van een pistool, in andere Europese lidstaten zonder vergunning verkocht worden.

De verschillende onderdelen worden dan in het eindbestemmingsland verzameld en als een bouwpakket in elkaar gezet.

Zo werden er in de eerste helft van 2015 in Nederland dertig pistolen van het merk Glock in beslag genomen, waarvan de kast legaal in Oostenrijk was gekocht en de andere onderdelen legaal in de VS. Het voorbeeld van de Glock laat zien wat er mis is met de Europese wapenregulering. Zolang het mogelijk is om in Oostenrijk zonder vergunning wapenonderdelen te kopen waarvoor in ons land wel een vergunning nodig is, maakt men het criminelen en terroristen wel heel gemakkelijk.

Wat betreft het transversaal karakter van deze vraag†: in het Vlaams regeerakkoord wordt aandacht besteed aan het voorkomen van radicalisering en is er sprake van de oprichting van een cel met experten uit de diverse beleidsdomeinen om radicalisering te voorkomen, te detecteren en te remediŽren, met ťťn centraal aanspreekpunt en in samenwerking met andere overheden. De coŲrdinatie van deze cel ligt bij het Agentschap Binnenlands Bestuur. Vooral wat betreft de proactieve aanpak en de handhaving vervult de federale overheid een sleutelrol. In de toekomst zal ook een federale ambtenaar van de FOD Binnenlandse Zaken deel uitmaken van deze cel. Het betreft aldus een transversale aangelegenheid met de Gewesten. Ik verwijs tevens naar het recente actieplan van de Vlaamse regering ter preventie van radicaliseringsprocessen die kunnen leiden tot extremisme en terrorisme.

Ik had hieromtrent volgende vragen†:

1) Bent u het eens met het besluit dat de wetgeving van de Europese lidstaten beter op elkaar moet worden afgestemd en kunt u aangeven hoe u dit concreet gaat bewerkstelligen binnen de EU†? Kunt u toelichten of u hieromtrent concrete stappen gaat zetten en kunt u de timing en de inhoud ervan toelichten†?

2) Bent u het eens met de vaststelling dat er op Europees niveau meer onderzoek moet worden verricht naar de risico's van smokkel van wapens en de gevolgen van wapengeweld†? Zo neen, waarom niet†? Zo ja, kunt u concreet toelichten welke stappen u hieromtrent gaat zetten†?

3) Bent u voorstander van een verdere aanscherping van de Europese wapenrichtlijn van 2017†? Criminelen en terroristen maken luidens het hoger aangehaalde rapport immers gebruik van de hiaten om vuurwapens en oorlogswapens aan te schaffen. Zo neen, kunt u toelichten waarom niet en hoe u dan wel de aangekaarte hiaten gaat aanpakken†? Zo ja, welke hiaten moeten worden aangepakt en wanneer en waar gaat u welke voorstellen doen†?

4) Beschikt u over concrete cijfers wat betreft de beschikbaarheid van zware wapens binnen ons land†? Is er ook bij ons sprake van een toename van aangetroffen zware wapens en kunt u dit cijfermatig toelichten†?

5) Hoeveel zware wapens werden er op jaarbasis aangetroffen en/of in beslag genomen en dit respectievelijk voor de laatste drie jaar†? Welke zijn de meest voorkomende wapens en om hoeveel wapens gaat het per soort†?

6) Hoeveel personen werden respectievelijk de laatste drie jaar op jaarbasis veroordeeld voor handel in illegale vuurwapens alsook voor het bezit van illegale vuurwapens†? Is er sprake van een tendens en kunt u dit toelichten†?

7) Werden er in ons land reeds zware wapens aangetroffen die afkomstig waren uit OekraÔne en†/†of LibiŽ†? Kunt u dit cijfermatig en zeer concreet toelichten voor wat betreft het type wapens en de aantallen†? Is er sprake van een toename zoals het rapport aangeeft†?

8) Kunt u aangeven of, en zo ja, hoeveel handgranaten er de laatste drie jaar op jaarbasis in beslag werden genomen en†/†of gebruikt in ons land†? Wat is het land van oorsprong van deze granaten en welke zijn de meest voorkomende†?

Antwoord ontvangen op 18 juni 2018 :

De kwestie die door uw vragen opgeworpen wordt, is voornamelijk de verantwoordelijkheid van mijn collega's van Justitie en Binnenlandse Zaken. Ik bevestig van mijn kant dat België de strijd tegen de proliferatie van conventionele wapens aan criminelen en terroristen op zowel internationaal als Europees niveau nauwlettend volgt.

De wetgeving inzake oorlogswapens behoort binnen de Europese Unie tot de exclusieve bevoegdheid van de lidstaten in overeenstemming met het Verdrag betreffende de Europese Unie. In de COARM-werkgroep van de Raad van de EU bespreken België (na interne coördinatie met de relevante regionale autoriteiten) en de andere lidstaten hun wapenexportbeleid in het kader van de gemeenschappelijke positie 2008/944 die de gemeenzame regels voor de controle op de uitvoer van militaire technologie en uitrusting vastlegt.

Op internationaal niveau wordt de kwestie van wapenoverdracht omkaderd door het Wapenhandelsverdrag (ATT), dat in december 2014 in werking is getreden. Het Verdrag heeft als doel om de hoogst mogelijke gemeenschappelijke normen vast te stellen voor de legale wapenhandel en om de illegale handel in conventionele wapens te beletten en te elimineren en om hun afleiding te voorkomen. België is een actieve verdragspartij in dit Verdrag.

Met betrekking tot kleine en lichte wapens (SALW), vaak gebruikt door criminele of terroristische kringen, neemt België, net als de andere lidstaten van de Europese Unie, deel aan het actieprogramma van de Verenigde Naties ter voorkoming, bestrijding en eliminatie van de illegale handel in kleine en lichte wapens in al zijn aspecten (UNPoA), dat momenteel een toetsing ondergaat. Dit politiek bindende en universele actieprogramma bestrijkt de gehele levenscyclus van SALW, vanaf productie tot vernietiging, inclusief markering, tracering, demilitarisering en voorraadbescherming en -beheer. België bepleit een versterking van de bepalingen van de UNPoA die kunnen helpen in de strijd tegen het terrorisme, zoals de totstandbrenging van doorgedreven coördinatie tussen de betrokken instanties, de aanpassing van de markeermethoden en de systematische tracering van de wapens die in conflictgebieden in beslag werden genomen om aldus de omleidingsroutes van wapens te identificeren.

België nam in 2017 actief deel aan de herziening van de Europese Unie (EU)-strategie tegen illegale SALW en hun munitie, die dateert van 2005. De aangepaste strategie bevindt zich momenteel in de goedkeuringsfase op het niveau van de Raad en de verschillende betrokken Commissiediensten. Deze strategie is richting aangevend voor het collectieve optreden en de coördinatie van de Europese actie ter voorkoming en bestrijding van de illegale verwerving van SALW door terroristen, criminelen en andere ongeautoriseerde spelers en om een hoog niveau van verantwoordelijkheid in de legale handel in SALW te bereiken. De strategie schetst het kader voor een reeks EU-acties, in samenwerking met andere staten, regionale en internationale organisaties, het maatschappelijk middenveld en andere belanghebbenden, om de illegale handel in SALW en hun munitie te voorkomen en om hun afwending tegen te gaan. Om deze doelstellingen te bereiken, heeft de strategie tot doel de normen binnen de EU en de lidstaten te versterken en deze beter ten uitvoer te brengen. De strategie bepaalt de domeinen waar de samenwerking tussen instanties (douane, autoriteiten bevoegd voor het verlenen van vergunningen, parket, politie, enz.) versterkt moet worden. Een concreet actieplan werd opgesteld met maatregelen die door de EU en de lidstaten moeten worden genomen (op vlak van tussenhandel, markering van SALW, het opzetten van een betere uitwisseling van informatie tussen betrokken actoren, enz.) en regionale of internationale acties. De strategie committeert de EU tot financiering van onderzoeksinspanningen om de bronnen van illegale SALW te identificeren en om bestaande onderzoekscapaciteiten te ondersteunen, zoals het EU-consortium voor non-proliferatie en ontwapening.

Op het niveau van civiele vuurwapens past België momenteel zijn wettelijk kader aan om de EU-richtlijn 2017/853 van 17 mei 2017 tot wijziging van richtlijn 91/477/EEG van de Raad inzake de controle op de verwerving en het voorhanden hebben van wapens volledig ten uitvoer te leggen. Voor de opvolging verwijs ik u door naar mijn collega van Justitie. Bovendien neemt de federale overheidsdienst (FOD) Justitie deel aan het werk van het Vuurwapen Protocol van het Verdrag van de Verenigde Naties tegen transnationale georganiseerde criminaliteit. Dit juridisch bindende protocol stelt een regelgevingskader vast dat de hele levenscyclus van vuurwapens bestrijkt, net zoals de UNPoA, maar in dit geval voor civiele vuurwapens.

De nieuwe wet van 7 januari 2018 tot wijziging van de wet van 8 juni 2006 heeft een einde gemaakt aan de vrije verkoop van laders. Bovendien moeten de verkochte laders passen met het vuurwapen in eigendom van de koper. Die maatregel was al van toepassing met betrekking tot munitie.

Een andere hervorming die door deze wet wordt geïntroduceerd, is de introductie van een nieuwe regularisatieperiode voor de eigenaren van ongeautoriseerde wapens. Deze aanpassingsperiode begon op 1 maart 2018 en eindigt op 31 december 2018. Het zal meer transparantie brengen betreffende de aanwezigheid van wapens waarvoor een vergunning vereist is en zal de vernietiging toelaten van duizenden wapens die door hun eigenaren afgegeven worden.

Op nationaal niveau neemt mijn departement deel aan het Interfederaal Overlegcomité ter bestrijding van de illegale wapenproductie en -handel. Dit forum voor informatie-uitwisseling werd opgericht bij koninklijk besluit van 29 oktober 2015. Het wordt voorgezeten door de federale wapendienst van de federale overheidsdienst (FOD) Justitie en is samengesteld uit vertegenwoordigers van het College van procureurs-generaal, het federale parket, federale politie, Douane, Economische Inspectie, de Proefbank, de diensten van de Gewesten die verantwoordelijk zijn voor de afgifte van invoer-, uitvoer- en doorvoer vergunningen, van Staatsveiligheid en Buitenlandse Zaken. Dit Overlegcomité is voor het eerst bijeengekomen op 25 januari 2016 en komt vier keer per jaar bijeen.

Ik verwijs u voor uw andere meer specifieke vragen door naar de departementen van Justitie en Binnenlandse Zaken.