Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 6-1007

van Jean-Jacques De Gucht (Open Vld) d.d. 12 juli 2016

aan de vice-eersteminister en minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken, belast met de Regie der gebouwen

Irreguliere migranten - Jihadistische netwerken - Huisjesmelkerij - Link - Strijd - Overleg met de Gewesten

illegale migratie
terrorisme
extremisme
huisjesmelker

Chronologie

12/7/2016 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 11/8/2016 )
16/9/2016 Antwoord

Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 6-1008

Vraag nr. 6-1007 d.d. 12 juli 2016 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Dr. Jasper de Bie van de faculteit Rechtsgeleerdheid te Leiden schreef een bijzonder relevant proefschrift betreffende de werking van jihadistische netwerken.

Het onderzoek van de Bie wijst op de oververtegenwoordiging van irreguliere migranten in jihadistische netwerken in Nederland. De analyse toont aan dat de netwerken aantrekkelijk zijn omdat ze oplossingen bieden voor de " problemen " van de irreguliere migranten. Zo wordt huisvesting gedeeld en worden bepaalde criminele diensten aangeboden zoals paspoortvervalsing, winkeldiefstal en woninginbraak.

De irreguliere migranten die zich aansluiten bij deze netwerken worden vooral ingeschakeld voor het uitvoeren van criminele handelingen en niet zozeer ideologische activiteiten.

Transversaal karakter van de vraag : de verschillende regeringen en schakels in de veiligheidsketen zijn het eens over de fenomenen die de komende vier jaar prioritair moeten worden aangepakt. Die staan gedefinieerd in de kadernota Integrale Veiligheid en het Nationaal Veiligheidsplan voor de periode 2016-2019, en werden besproken tijdens een InterministeriŽle Conferentie, waarop ook de politionele en justitiŽle spelers aanwezig waren. Het fenomeen van de strijd tegen het terrorisme en de radicalisering is ťťn van de grote prioriteiten. Deze vraag is een transversale gemeenschapsaangelegenheid betreffende de strijd tegen radicalisering en de deradicalisering.

Ik had dan ook graag een antwoord gekregen op de volgende vragen :

1) Kan u meedelen in hoeverre dit ook in BelgiŽ het geval is ? Is er ook bij ons sprake van een oververtegenwoordiging van irreguliere migranten in jihadistische netwerken en dan meer specifiek in het leveren van criminele hand- en spandiensten ? Kan u dit cijfermatig illustreren ? Om hoeveel mensen gaat het op totaalbasis in deze netwerken ?

2) Dit legt de link naar huisjesmelkerij daar het kunnen aanbieden van huisvesting aan irreguliere migranten een aantrekkingspool vormt voor jihadistische netwerken ten aanzien van irreguliere migranten. Kan u in het bijzonder meedelen in hoeverre dit element wordt meegenomen in de inzet tegen jihadistische netwerken ?

3) Kan u meedelen hoe u beleidsmatig huisjesmelkerij benadert en is er hieromtrent overleg met de Gewesten en dan in het bijzonder in de sociologisch achtergestelde gemeenten ?

4) Kan u meedelen of er hieromtrent systematisch overleg is met de Gewesten en zo ja, welke resultaten vloeiden hieruit voort ? Zo neen, waarom niet ?

5) Zijn er voldoende wetgevende instrumenten voorhanden om huisjesmelkerij aan te pakken ? Kan u toelichten ?

6) Kan u voor elk van de laatste drie jaar meedelen hoeveel mensen werden veroordeeld voor huisjesmelkerij ? Hoe verklaart u deze cijfers ?

Antwoord ontvangen op 16 september 2016 :

Het geachte id vindt hieronder het antwoord op zijn vragen :

1) Er zijn inderdaad vaststellingen met betrekking tot de aanwezigheid van irreguliere migranten binnen de gekende netwerken, maar veel meer nog is er sprake van personen die gebruik maken van meerdere en / of fictieve identiteiten. Herkenbaar bij elke vorm van criminaliteit is het gegeven dat bepaalde deelactiviteiten worden uitgevoerd onder valse en of vervalste identiteiten. Eens de werkelijke identiteiten hierachter achterhaald, mogen we voor België niet veralgemeend stellen dat we in de onderzoeken « terro » vaak terechtkomen bij illegalen of dat de entiteiten voorkomend op de Belgische geconsolideerde lijst van zogenaamde Syrië-gangers in ruime mate zou bestaan uit illegalen.

Uit de vooranalyse van het « Kanaalplan » resulteerde dat ondersteunende criminaliteitsfenomenen vaak mede aan de basis liggen van terrorisme. Vandaar dat binnen het actieplan onder andere de strijd tegen wapens, valse documenten, illegale economie, …, werd opgenomen binnen de verschillende assen.

Verder dien ik te verwijzen naar mijn collega, staatssecretaris Asiel en Migratie, Theo Francken.

2) Wat de aanpak binnen de context van de jihadistische netwerken betreft, kunnen we verwijzen naar de lokale integrale veiligheidscellen (LIVC), waar onder regie van de burgemeester en met aanwezigheid van de korpschef van de lokale politie naar infodeling, afstemming en taakafspraken wordt gezocht met de verschillende gemeentelijke diensten, in deze specifieke context.

Specifiek voor de Brusselse zones binnen het actieplan de Kanaalzone werd een administratief luik opgenomen met daarin het onderdeel optimalisatie urbanisme. Ook de bestuurlijke aanpak alsook de as radicalisering in ruime zin draagt hier toe bij.

3) Het antwoord op deze parlementaire vraag valt onder de bevoegdheid van de Gewesten.

4) Doordat het toezicht op mogelijke situaties van huisjesmelkerij tot de bevoegdheid van de steden en gemeenten en die van de Gewesten behoort, ontbreekt de federale kijk op de resultaten van de synergetische aanpak.

5) & 6) Het antwoord op deze parlementaire vragen valt onder de bevoegdheid van mijn collega, de heer Koen Geens, minister van Justitie.