Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-6961

van Bert Anciaux (sp.a) d.d. 29 augustus 2012

aan de minister van Justitie

Terrorisme - Extreem rechts - Maatregelen

terrorisme
extreem rechts
geheime dienst
Duitsland
politiŽle samenwerking
gerechtelijk onderzoek

Chronologie

29/8/2012 Verzending vraag
10/12/2012 Antwoord

Vraag nr. 5-6961 d.d. 29 augustus 2012 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Noorwegen onderging Breivik, Duitsland kreeg z'n kebabmoorden. Volgens het gereputeerde International Centre for Counter-Terrorism in Den Haag was het extreem rechtse geweld de voorbije twintig jaar haast even dodelijk als het moslimterrorisme. Sinds 1990, aldus een in juni gepubliceerd rapport van het centrum, werden in Europa 249 mensen gedood door extreemrechts tegenover 263 door jihadi's. Ook Europol waarschuwde eerder dit jaar dat rechts extremisme 'nieuwe hoogten' bereikte en in geen geval mag worden onderschat.

Nochtans liggen de prioriteiten, zeker sinds 9/11, bijna geheel bij islamitisch extremisme. Dat bleek alvast bij een fatale vergissing in Duitsland, waar de veiligheidsdiensten de problematiek van extreem rechts volledig hebben onderschat. Men interpreteerde het als een vorm van provinciale idiotie, van een heel andere orde dan het gevaar van een als wereldbreed moslimterrorisme gepercipieerde bedreiging. De Duitse veiligheidsdiensten hebben zich ondertussen herpakt en voeren tegenwoordig grootschalige acties uit tegen het rechts extremisme.

In enkele recente mediaberichten noemde Alain Winants het salafasime de grootste bedreiging voor BelgiŽ. Hij ziet ook een grote bedreiging in de confrontatie tussen extremistische moslims en extreem rechts.

1.†Welke conclusies trekt de minister uit de verschrikkelijke aanslagen in Noorwegen en de kebabmoorden in Duitsland voor haar beleid in BelgiŽ? Hoe prioritair acht de minister deze problematiek van rechts extremisme? Begrijpt de minister de kritiek dat de veiligheidsdiensten in Europa de problematiek van het rechts extremisme onderschatten omdat ze te gefocust zijn op de dreiging van het moslimextremisme? Wat ondernemen justitie en de gerechtelijke diensten concreet en systematisch om deze extreemrechtse organisaties te volgen, screenen en tegen te werken? Beschikken justitie, staatsveiligheid en de gerechtelijke diensten over een speciale onderzoekscel rond extreemrechts?

2.†Welke concrete onderzoeken hebben justitie en de gerechtelijke diensten hieromtrent de afgelopen twee jaar ondernomen?

3.†Kadert deze aanpak in een internationale context? Hoe verloopt deze?

4.†Bestaan er contacten met de Duitse Veiligheidsdiensten in verband met hun recente operaties tegen het rechts extremisme? Zo ja, wat hebben die contacten aan informatie opgeleverd?Zo nee, wordt het dan niet hoog tijd deze contacten te leggen of te intensiveren? Doet men onderzoek in BelgiŽ naar mogelijke vertakkingen van deze neonazi organisaties naar BelgiŽ dan wel naar mogelijke gepleegde of voorbereide strafbare feiten door extreemrechts in BelgiŽ?

Antwoord ontvangen op 10 december 2012 :

1. Door de aanslagen van 11 september 2011 is de aandacht van de Veiligheid van de Staat voor het islamitisch extremisme natuurlijk toegenomen, maar niet ten koste van het scherp toezicht op het rechts-extremisme. Overeenkomstig de opdrachten die de wet van 30 november 1998 houdende regeling van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten haar toekent, verzekert de Veiligheid van de Staat de systematische opvolging van het ideologisch extremisme met inbegrip van het rechts-extremisme. De verschillende jaarrapporten van het Vast Comité van toezicht op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten bevestigen trouwens de gegrondheid van de middelen die op dit vlak aangewend werden. Een overzicht van dit werk is gemakkelijk toegankelijk voor iedereen in de jaarverslagen die de Veiligheid van de Staat reeds enkele jaren verspreidt.

Het idee dat de inspanningen die aan het islamitisch extremisme besteed worden, de studie over extreemrechts op een zijspoor zouden hebben gezet, zou het gevolg kunnen zijn van de grote titels op de voorpagina van de belangrijkste media die gretiger zijn om het eerste onderwerp te behandelen dan het tweede. Men moet niettemin erkennen dat een objectieve en aandachtige observatie van dit onderwerp al verschillende jaren een duidelijke daling van de activiteit en van het extreemrechtse militantisme in België aantoont.

2-3. Het federaal parket centraliseert alle strafrechtelijke onderzoekn inzake terrorisme.

Op 9 mei 2011 startte voor de correctionele rechtbank in Dendermonde het terrorismeproces lastens een aantal leden van de extreem-rechtse beweging Blood & Honour.

De correctionele rechtbank van Dendermonde nam de zaak in beraad op 16 april 2012.

Op 21 mei 2012 werd een tussenvonnis geveld waarin de correctionele rechtbank te Dendermonde een aantal prejudiciële vragen stelt aan het Grondwettelij Hof. De zaak is in afwachting van een uitspraak door het Grondwettelijk Hof voorlopig geschorst.

Behoudens deze zaak zijn er momenteel geen strafrechtelijke onderzoeken bij het federaal parket lopende naar extreemrechtse groeperingen op verdenking van terrorisme (artikelen 137 to 141 van het Strafwetboek).

4. De Veiligheid van de Staat onderhoudt uitstekende relaties met haar Duitse correspondent op verschillende domeinen en meer bepaald inzake ideologisch extremisme. Overeenkomstig de regel van de derde dienst kan de Veiligheid van de Staat de exacte inhoud van deze informatie-uitwisselingen niet onthullen, maar elk onderwerp dat onze twee landen aangaat wordt automatisch met elkaar gedeeld en regelmatig worden ontmoetingen georganiseerd.