Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-5131

van Nele Lijnen (Open Vld) d.d. 30 december 2011

aan de minister van Landsverdediging

LibiŽ - Belgische wapens - P90 - Minimi - Lokalisatie - Onderzoek ambassade - FN Herstal

LibiŽ
vuurwapen
wapenhandel
uitvoervergunning
traceerbaarheid

Chronologie

30/12/2011 Verzending vraag
18/1/2012 Antwoord

Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-5130
Herkwalificatie van : vraag om uitleg 5-1746

Vraag nr. 5-5131 d.d. 30 december 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Reeds in februari maakte de pers gewag van wapens van Belgische oorsprong die in LibiŽ mogelijks werden gebruikt tegen de vrijheidsstrijders. In juni 2009 keurde de toenmalige Waalse gewestregering immers - in lopende zaken - een contract goed tussen FN-Herstal en de Libische overheid over de levering van wapens voor 11,5 miljoen euro. Dat leidde toen tot protesten in ons land.

De speciaal ontworpen munitie die FN voor de P90 heeft ontworpen is in staat om kogelwerende vesten (Kevlar) en gepantserd glas te penetreren. Uit proeven blijkt dat de P90 erin slaagde vanaf honderdvijftig meter achtenveertig lagen Kevlar te doorboren. Tegen de kogels van de P90 is geen enkel kogelvrije kleding bestand. Het storingspercentage van de P90 is zeer laag (0,00003 %). De P90 wordt vooral gebruikt door speciale eenheden over heel de wereld, zoals de Amerikaanse Secret Service, de Franse GIGN en de Belgische Special Forces (POSA en DSU).

De P90 zouden in de wapens van gangsters van alle politieagenten een schietschijf maken. De Minimi's hebben een vuurkracht van tussen de negenhonderd en de duizendhonderd kogels per minuut en een dodelijke reikwijdte van vierhonderd meter. Ook deze wapens moeten prioritair worden gelokaliseerd gezien de vele conflictzones in de regio waar deze wapens enorm veel slachtoffers kunnen maken.

Als respons op deze berichten vroeg de Waals minister-president Rudy Demotte aan de Belgische ambassadeur in Tripoli informatie over te maken die het mogelijk moet maken "het risico op gebruik" van Waalse wapens tijdens het neerslaan van protesten in LibiŽ na te gaan.

De New York Times berichtte op 28 december 2011 dat in de stad Salahadd in de gebouwen van de Khamis Brigade voor wie de Belgische wapenlevering officieel bestemd was door Human Rights Watch twaalf verbrande lijken werden aangetroffen die standrechtelijk werden geŽxecuteerd.

In dit kader had ik graag volgende vragen voorgelegd aan de geachte ministers:

1) Deelt u mijn bezorgdheid over de noodzaak om deze wapens in het bijzonder te traceren en er alles aan te doen om te voorkomen dat deze wapens zouden worden doorverkocht en/of in verkeerde handen zouden vallen gezien de bijzonder destructieve kracht van deze wapens? Kan u toelichten?

2) Heeft u reeds stappen ondernomen (al of niet in NAVO-verband) om deze wapens te lokaliseren en desgevallend ofwel te neutraliseren ofwel over te dragen naar veilige depots? Kan u dit zeer concreet toelichten?

3) Werden de driehonderdzevenenzestig P90 handwapens en zeker ook de munitie reeds gelokaliseerd en beveiligd en/of allemaal overgedragen naar beveiligde depots? Zo ja, hoeveel P90 wapens en hoeveel munitie werd teruggevonden en kan u toelichten hoe veilig de huidige locatie is?

4) Werden de dertig Minimi's reeds gelokaliseerd alsook hun munitie reeds gelokaliseerd en beveiligd en/of allemaal overgedragen naar beveiligde depots? Zo ja, hoeveel Minimi's en hoeveel munitie werden reeds teruggevonden en kan u toelichten hoe veilig de huidige locatie is?

5) Heeft u weet van slachtoffers onder de Libische bevolking tengevolge het aanwenden van deze wapens tegen de burgerbevolking en de vrijheidsstrijders door het Kadhafi-regime? Kan u toelichten? Werd dit ooit onderzocht?

6) Heeft u omtrent deze wapens concrete afspraken gemaakt met de nieuwe Libische autoriteiten? Zo ja, kan u uitvoerig toelichten? Zo neen, gaat u dit doen?

7) Kan u toelichten welke informatie de Belgische ambassadeur heeft doorgegeven aan uzelf of de Waalse regering naar aanleiding van zijn onderzoek naar "het risico op gebruik" van FN-geweren tijdens het neerslaan van de protesten in LibiŽ en de mogelijkse executies van vermeende rebellen?

8) Bent u bereid de integrale onderzoeksresultaten naar "het risico op gebruik" van FN-geweren tijdens het neerslaan van de protesten in LibiŽ van de Belgische ambassadeur vrij te geven? Zo ja, kan u ze voegen als bijlage bij de antwoorden op deze vragen? Zo neen, waarom niet en kan u uitvoerig toelichten?

Antwoord ontvangen op 18 januari 2012 :

Het geachte lid gelieve hierna het antwoord te willen vinden op de door haar gestelde vragen.

Gezien de vice-eerste minister en minister van Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Europese Zaken, bevoegd is in deze materie verwijs ik het geachte lid naar zijn antwoord op uw vraag nr. 5-5130 van 30 december 2011