Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-1233

van Filip Dewinter (Vlaams Belang) d.d. 8 februari 2011

aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Maatschappelijke Integratie

Vreemdelingen - Onwettig verblijf - Zwartwerk - Controle

illegale migratie
zwartwerk
illegale werknemer
mensenhandel
arbeidsinspectie
officiŽle statistiek

Chronologie

8/2/2011 Verzending vraag
8/4/2011 Antwoord

Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-1234
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-1235
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-1236

Vraag nr. 5-1233 d.d. 8 februari 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

De strenge aanpak van werkgevers die migranten illegaal werk verschaffen werd in het verleden steeds als belangrijk beschouwd door zowel de politiek als de werknemers- en werkgeversorganisaties.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

1) Hoeveel werkgevers die illegaal aan mensen afkomstig van landen buiten de Europese Unie (EU) werk verschaften, werden van 2000 tot heden, en dit op jaarbasis, gesanctioneerd?

2) Hoeveel van die werkgevers deden systematisch een beroep op illegalen?

3) a) Hoeveel illegaal tewerkgestelde vreemdelingen werden al gesanctioneerd? Graag kreeg ik deze cijfers op jaarbasis sinds 2000.

3) b) Hoeveel van die illegale arbeidskrachten werden al het land uitgewezen? Graag kreeg ik deze cijfers op jaarbasis sinds 2000.

4) De wetgeving werd zodanig gewijzigd dat werkgevers aansprakelijk kunnen worden gesteld voor de repatriŽringkosten van de illegalen die zij tewerkstellen. Hoeveel illegalen werden sindsdien op kosten van hun werkgevers gerepatrieerd naar hun land van herkomst?

5) Ook werden de strafsancties inzake de zwaardere misdrijven (koppelbazen, het helpen van vreemdelingen om het land onwettig binnen te komen en om er te verblijven, het binnensmokkelen van vreemdelingen in ons land, enz.) de laatste decennia aanzienlijk verhoogd. Hoeveel vervolgingen werden al ingesteld sinds het invoeren van die verhoogde strafsancties? Hoeveel waren er dat voor de jaren 2008, 2009 en 2010?

6) Hoeveel controles werden er door de inspectiediensten uitgevoerd in 2008, 2009 en 2010?

Antwoord ontvangen op 8 april 2011 :

Het lijkt mij allereerst nuttig om te verduidelijken dat de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers behoort tot de bevoegdheid, wat betreft haar controle, van de sociaal inspecteurs van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal overleg, de sociaal inspecteurs van de Sociale inspectie van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid, de sociaal inspecteurs van de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, de sociaal inspecteurs van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening, de ambtenaren van de fiscale administraties, de ambtenaren van de Dienst Vreemdelingenzaken en van de federale en lokale Politie (cfr. artikel 36 van het koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende de uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers.). De controlediensten van de Gewesten hebben evenzeer een bevoegdheid in dit domein.

De informatie die u wordt meegedeeld betreft de resultaten van de onderzoeken die uitgevoerd werden door de sociaal inspecteurs van de Sociale inspectie van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid en de sociaal inspecteurs van de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.

De onregelmatige tewerkstelling van buitenlandse werknemers maakt het voorwerp uit van strafsancties bepaald in artikel 12 van voornoemde wet van 30 april 1999. Deze strafsancties zijn voorzien tegen de werkgever, zijn aangestelde of lasthebber of derden die zich bezighouden met mensensmokkel.

In geval van een klassering zonder gevolg door het Openbaar ministerie, kan er een administratieve boete uitgesproken worden in uitvoering van de wet van 30 juni 1971 betreffende de administratieve geldboeten toepasselijk in geval van inbreuk op sommige sociale wetten. Deze boete wordt opgelegd door een ambtenaar van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal overleg.

Gezien deze verduidelijkingen zal ik u enkel een beperkt aantal inlichtingen kunnen meedelen.

1. Het onderwerp van de vraag valt onder de bevoegdheid van mijn collega, Mevrouw Joëlle Milquet, vice-eerste minister en minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en asielbeleid en van mijn collega, de heer Stefaan De Clerck, minister van Justitie.

2. Het onderwerp van de vraag, omdat deze een recidief karakter laat veronderstellen, valt onder de bevoegdheid van mijn twee bovengenoemde collega’s.

3. Het onderwerp van de vraag valt onder de bevoegdheid van mijn collega, Mevrouw Joëlle Milquet, vice-eerste minister en minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en asielbeleid.

4. Het onderwerp van de vraag valt onder de bevoegdheid van mijn collega, de Heer Didier Reynders, vice-eerste minister en minister van Financiën en van mijn collega, Mevrouw Joëlle Milquet, vice-eerste minister en minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en asielbeleid.

5. Het onderwerp van de vraag valt onder de bevoegdheid van mijn collega, de heer Stefaan De Clerck, minister van Justitie.

6. Voor wat betreft uw zesde vraag, vindt u hieronder de gevraagde inlichtingen.

1) Sociale inspectie van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid

De statistische gegevens hieronder bevatten de uitgevoerde controles inzake buitenlandse arbeidskrachten in ruime zin, namelijk de buitenlandse werknemers van buiten de Europese Unie en onregelmatig tewerkgestelde zelfstandigen.

Jaar 2008

Onderwerp

Controles

Pro Justitia

Betrokken werkneme

Tewerkstelling van buitenlandse werknemers in overtreding op de wet van 30 april 1999

1.203

556*

1.055**

Beroepskaart (buitenlandse zelfstandigen – wet van 19 februari 1965)

288

58

59

* waarvan 467 zonder arbeidsvergunning en verblijfsvergunning.

** waarvan 896 tewerkgestelde werknemers zonder arbeidsvergunning en verblijfsvergunning.

Jaar 2009

Onderwerp

Controles

Pro Justitia

Betrokken werkneme

Tewerkstelling van buitenlandse werknemers in overtreding op de wet van 30 april 1999

1.210

556*

1.004**

Beroepskaart (buitenlandse zelfstandigen – wet van 19 februari 1965)

324

86

87

* waarvan 453 zonder arbeidsvergunning en verblijfsvergunning.

** waarvan 813 tewerkgestelde werknemers zonder arbeidsvergunning en verblijfsvergunning.

Jaar 2010

Onderwerp

Controles

Pro Justitia

Betrokken werkneme

Tewerkstelling van buitenlandse werknemers in overtreding op de wet van 30 april 1999

1.354

582*

1.845**

Beroepskaart (buitenlandse zelfstandigen – wet van 19 februari 1965)

281

68

68

* waarvan 441 zonder arbeidsvergunning en verblijfsvergunning.

** waarvan 1.628 tewerkgestelde werknemers zonder arbeidsvergunning en verblijfsvergunning.

2) Inspectie van de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid

Het aantal uitgevoerde, afgesloten onderzoeken bedroeg het volgende :

2008

2009

2010

47.393

49.746

42.525

Hierin zitten ook de cijfers vervat van de gecoördoneerde controles (m.a.w. samen met de andere inspectiediensten in het kader van de arrondissementscellen), die kunnen worden weergegeven als volgt

2008

2009

2010

3.078

4.154

4.667

Het zijn eerder deze controles die leiden tot vaststellingen van inbreuken met betrekking tot illegalen.