Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 4-840

van Jean-Jacques De Gucht (Open Vld) d.d. 22 april 2008

aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid

Euthanasie - Aantal - Verdeling tussen de gewesten - Verhouding naar gelang de plaats

euthanasie
Federale Controle- en Evaluatiecommissie inzake de toepassing van de wet betreffende de euthanasie
officiŽle statistiek
geografische spreiding

Chronologie

22/4/2008 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 22/5/2008 )
24/7/2008 Antwoord

Vraag nr. 4-840 d.d. 22 april 2008 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

De wet van 28†mei†2002 betreffende euthanasie, die op 20†september†2002 in werking is getreden, laat euthanasie toe bij ongeneeslijke zieke, bewuste patiŽnten met ondraaglijke pijn.

De wet biedt enerzijds aan de patiŽnt de bescherming en garantie op een milde, humane dood. Anderzijds biedt zij ook rechtszekerheid voor de arts die de euthanasie uitvoert.

Het onderwerp is de laatste tijd ruim in de media gekomen, daarom had ik van de bevoegde ministers graag de volgende cijfers bekomen:

- Hoeveel gevallen van euthanasie werden er genoteerd in 2007 en wat is de procentuele verhouding hierin tussen Vlaanderen, Brussel en WalloniŽ?

- Welke is de procentuele verhouding naar gelang de plaats waar de euthanasie werd volbracht?

Antwoord ontvangen op 24 juli 2008 :

De Federale Controle en Evaluatiecommissie Euthanasiewetgeving werd ingesteld door de wet op 28 mei 2002 betreffende de euthanasie (Belgisch Staatsblad van 22 juni 2002) en is in functie getreden in oktober 2002. De commissie bestaat uit zestien leden, genoemd met inachtneming van de taaipariteit, waarvan er acht leden dokter in de geneeskunde zijn, vier hoogleraar in de rechten aan een Belgische universiteit of advocaat en vier leden komen uit kringen die belast zijn met de problematiek van ongeneeslijke zieke patiŽnten.

Het koninklijk besluit van 2 april 2003 (Belgisch Staatsblad van 13 mei 2003) houdt de vaststelling in van de wijze waarop de wilsverklaring inzake euthanasie wordt opgesteld, herbevestigd, herzien of ingetrokken.

De wet van 10 november 2005 (Belgisch Staatsblad van 13 december 2005) vult de wet aan van 28 mei 2002 betreffende de euthanasie met bepalingen over de rol van de apotheker en het gebruik en de beschikbaarheid van euthanatica.

De commissie komt ťťn keer per maand samen en onderzoekt dan het volledig ingevulde registratiedocument dat werd ingevuld en opgestuurd door de behandelende arts. Het registratiedocument moet binnen de vier werkdagen nadat de euthanasie werd uitgevoerd, opgestuurd worden naar de commissie. De commissie gaat dan na of de euthanasie is uitgevoerd onder de voorwaarden en volgens de procedure bepaald door de wet van 28 mei 2002 betreffende de euthanasie.

Zij publiceert tweejaarlijks een rapport aan de wetgevende kamers. Het eerste rapport werd gepubliceerd in september 2004. Het tweede rapport werd gepubliceerd in de loop van oktober 2006.

Ziehier de gegevens uit het derde verslag aan de wetgevende kamers (2006-2007) van juni 2008 :

Het aantal registraties voor 2007 bedraagt 495, waarvan 83 % (412) Nederlandstalige verklaringen zijn en 17 % (83) Franstalige.

Dit betekent een lichte stijging in vergelijking met vorige jaren.

Het rapport geeft geen nadere precisering naar regio waar de euthanasie heeft plaatsgevonden.

De lokatie waar euthanasie werd volbracht werd als volgt doorgegeven :

47 % (234) in het ziekenhuis, en 47 % thuis (234). Het aantal gevallen van euthanasie in de rust- en verzorgingstehuizen bedraagt 4 % (22).

Onder de noemer ę andere Ľ vermeldt het rapport 2 % (5).