Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 4-647

van Martine Taelman (Open Vld) d.d. 3 april 2008

aan de minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en Wetenschapsbeleid

Unesco - Wereldcultuurerfgoed - Belgische keuken

Unesco
cultureel erfgoed
bescherming van het erfgoed
klaargemaakt gerecht
ambachtelijke productie
aanduiding van herkomst

Chronologie

3/4/2008 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 8/5/2008 )
9/5/2008 Antwoord

Herindiening van : schriftelijke vraag 4-491

Vraag nr. 4-647 d.d. 3 april 2008 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

De Franse president Sarkozy kondigde op 24†februari†2007 aan dat Frankrijk in 2009 als eerste land bij de Unesco een aanvraag zal indienen om de Franse keuken als wereldcultuurerfgoed te erkennen. Unesco werkt immers aan de mogelijkheid voor landen om immaterieel erfgoed ook te erkennen als werelderfgoed.

Vandaar mijn vragen:

1. Heeft de geachte minister gelijkaardige plannen om een aanvraag in te dienen bij de Unesco om onze Belgische keuken als wereldcultuurerfgoed te erkennen? Is zij reeds bezig met het opmaken van een concreet dossier? Welke timing wenst zij te hanteren?

2. Zo ja, denkt zij specifiek aan bepaalde typisch Belgische gerechten (Belgische mosselen, frieten, pralines, chocolade, abdijbieren, Belgisch bier in het algemeen, Belgisch witloof, spruiten, Belgische kazen, vleesgerechten, Ö)?

3. Denkt zij nog aan andere immateriŽle zaken waarvoor BelgiŽ een dossier kan indienen?

Antwoord ontvangen op 9 mei 2008 :

De stappen die de Franse president Nicolas Sarkozy gezet heeft in verband met een vraag tot klassering van de Franse keuken als Wereldcultuurerfgoed door de Unesco maakt deel uit van de wil tot erkenning van een aantal onstoffelijke, niet-materiële « goederen » die karakteristiek zijn voor de Mensheid. Deze multilaterale logica bestrijkt de brede waaier van het cultureel domein en in België hebben we recent enkele voorbeelden gekend. Deze erkenning als uitzonderlijk erfgoed door de Unesco moet aan welbepaalde criteria beantwoorden.

Culinaire praktijken, tradities en creaties vormen vanzelfsprekend een belangrijke erfenis en een belangrijk erfgoed dat dikwijls typisch is voor een streek, een land en gemeenschappen. Het is dan ook niet verwonderlijk een initiatief als dat van Frankrijk te zien opduiken, trouwens snel gevolgd door andere. Die stap veronderstelt ook dat het niet-materieel goed dat men wil laten erkennen en klasseren nauwkeurig afgebakend wordt. Dit werk mag zeker niet onderschat worden.

U wilt weten welke stappen ondernomen werden om de Belgische keuken door de Unesco als werelderfgoed te laten erkennen.

Deze vraag was op Belgisch vlak nog niet aan de orde. En afgezien van de opportuniteit om die stap te zetten, en op welke basis, afgezien van de vraag hoe het onstoffelijk erfgoed dat men wil laten klasseren precies afgebakend moet worden en hoeveel kans er is dat die vraag positief zal onthaald worden, stelt zich ook nog de vraag van de uitwerkingsmodaliteiten van dergelijke aanvraag, meer bepaald in het licht van de complexe verdeling van de bevoegdheden in België. Dergelijke aanvraag moet grondig overwogen en gewikt worden.

Elke geïsoleerde actie in die richting was dus zowel voorbarig als ongepast. Uw laatste vraag verdient in alle geval bijzondere aandacht voor wat, afgezien van de materiële en niet-materiële goederen die duidelijk onder de bevoegdheid van de gewesten en de gemeenschappen vallen die ze als Werelderfgoed zouden willen laten erkennen, bestaat er zeker en vast een erfgoed dat van alle Belgen is, en ook nog onstoffelijk, waarover grondig kan nagedacht worden om voorgesteld te worden voor klassering door de Unesco. En in dat geval moet de Federale Staat natuurlijk haar rol spelen. Als minister van Wetenschapsbeleid verantwoordelijk voor een departement met een belangrijk wetenschappelijk, cultureel en historisch erfgoed, ben ik natuurlijk bereid om, op het geschikte moment, aan dat beraad deel te nemen.