Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 4-3696

van Martine Taelman (Open Vld) d.d. 2 juli 2009

aan de minister van Justitie

Gevangenissen - Overbevolking - Uitzitten van gevangenisstraffen in Nederland

strafgevangenis
overbrenging van gedetineerden
Nederland
bilaterale overeenkomst
Marokko

Chronologie

2/7/2009 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 7/8/2009 )
11/9/2009 Antwoord

Herkwalificatie van : vraag om uitleg 4-967

Vraag nr. 4-3696 d.d. 2 juli 2009 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Er worden onderhandelingen gevoerd met de Nederlandse overheid om vijfhonderd gevangenen die heden hun straf uitzitten in Belgische gevangenissen hun straf in een Nederlandse gevangenis te laten uitzitten. Deze onderhandelingen zouden moeten uitmonden in een bilateraal verdrag.

Bij deze vijfhonderd over te brengen gevangenen bevinden zich honderd negentig gedetineerden met de Nederlandse nationaliteit.

De geachte minister heeft gesteld dat de gevangenis in Tilburg onder een Belgische directie zou vallen en de bewaking door Nederlandse cipiers zal worden gedaan. Over de vraag of de gevangenis als Belgisch grondgebied dient te worden beschouwd is evenmin duidelijkheid.

Vandaar mijn vragen:

1. Hoever staan de onderhandelingen met Nederland om de overbrenging werkelijk te laten doorgaan?

2. Kiest de geachte minister er voor om in het te sluiten Verdrag de Nederlandse gevangenis te Tilburg te laten beschouwen als Belgisch grondgebied, of blijft dit Nederlands grondgebied?

3. Wordt de overbrenging, in geval de gevangenis niet als Belgisch grondgebied wordt beschouwd, verplichtend gemaakt en zo ja voor welke gevangenen?

4. Zal BelgiŽ de vrije keuze hebben welke gevangenen het in de Nederlandse gevangenis onderbrengt of zijn er buiten het voorgestelde contingent van vijfhonderd gedetineerden andere beperkingen voorzien?

5. Wordt de keuze omtrent welke gevangenen worden overgebracht, gemaakt door BelgiŽ alleen of heeft Nederlands hier enige inspraak?

6. Met welke factoren wordt rekening gehouden om te bepalen of bepaalde gevangenen in aanmerking komen om naar de Nederlandse gevangenis te worden overgebracht?

7. Kan, gelet op de manifeste overcapaciteit van de Nederlandse gevangenissen, het over te brengen contingent van vijfhonderd gevangenen niet worden uitgebreid, gelet op het zeer nijpende tekort aan cellen in BelgiŽ?

8. Waarom wordt het contingent van over te brengen gevangenen beperkt tot vijfhonderd? Is dit om financiŽle redenen?

9.Wat is de prijs die per gevangene per maand aan Nederland zou moeten worden betaald? Welke andere kosten zijn er nog voor BelgiŽ?

10. Kan geen gebruik worden gemaakt van de lopende onderhandelingen om te streven naar een vorm van automatische overbrenging indien in BelgiŽ personen zijn gevonnist welke de Nederlandse nationaliteit hebben?

11. Is er onderzocht of (een deel van) de gevangenen met de Nederlandse nationaliteit niet onder het Protocol van de Raad van Europa gedwongen kunnen worden overgebracht naar Nederlandse gevangenissen, nu de Nederlanders toch een overcapaciteit hebben? Indien een band met BelgiŽ de struikelblok zou zijn, wordt er niet aan gedacht met Nederland bilateraal de overbrenging toch te onderhandelen, zelfs in geval van een band met BelgiŽ? Zo neen, waarom niet? Moeilijker bezoek ontvangen van familie is immers geen reden meer, daar de gevangenen toch sowieso op Nederlands grondgebied zouden verblijvenÖ

12. Hoeveel gevangenen zijn inmiddels gedwongen overgebracht naar hun land van herkomst? Is er al een resultaat van het bilateraal verdrag met Marokko? Zo neen, wat is het probleem?

Antwoord ontvangen op 11 september 2009 :

1. Ik heb al een paar maal de gelegenheid gehad op vragen te antwoorden over de besprekingen die worden gevoerd met Nederland, in het bijzonder op vragen van het geachte lid en ik dank haar voor haar blijvende interesse.

De aangelegenheid is geen eenvoudige zaak; indien onze besprekingen tot een goed einde kunnen worden gebracht, zal het de eerste keer zijn in de geschiedenis van de internationale betrekkingen dat zo’n akkoord wordt gemaakt met een algemene toepassing draagwijdte.

De besprekingen zijn afgerond wat het verdrag betreft. Er wordt gewerkt aan de uitvoering.

De ministerraad heeft voor de vakantie het principeakkoord gegeven om het verdrag voor te leggen aan de Raad van State.

Daarna volgt nog de parlementaire goedkeuring van dit verdrag.

2. In principe blijft de gevangenis te Tilburg Nederlands grondgebied. Het verdrag bepaalt echter dat het gevangenisregime dat er zal worden gevoerd, onder Belgisch recht valt. Voor de uitvoering van de Belgische veroordelingen zal een Belgisch directeur verantwoordelijk zijn. Voor wat dit aspect betreft zal de gevangenis fungeren als een bijhuis van Wortel. Op de samenwerkingsovereenkomst die de concrete taakverdeling en opdrachten in hoofde van Nederland beschrijft is Nederlands recht van toepassing.

Het zal dus gaan om een mengeling van verplichtingen onderworpen al naar gelang het geval aan de Belgische dan wel aan de Nederlandse regelgeving. Dat is het bijzondere aan deze overeenkomst. En dit is nodig met het oog op de gelijkheid onder de personen aan wie een Belgische veroordeling tot een vrijheidsstraf is opgelegd.

3. De overbrenging naar de inrichting te Tilburg wordt beslist door de Belgische penitentiaire administratie. We zullen daarbij maximaal streven naar vrijwillige overbrenging. Maar wanneer de individuele toestand van de gedetineerde dat toelaat kan altijd worden beslist tot de plaatsing in de inrichting te Tilburg. Deze inrichting zal deel uitmaken van de huisvestingsmogelijkheden waarover de administratie beschikt.

Het regime dat er zal worden gevoerd is gelijkaardig aan het regime dat we organiseren in Merkplas, Wortel, Hoogstraten en gelijkaardige inrichtingen in Wallonië.

De administratie zal onze populatie screenen en nagaan welke personen, rekening houdend met het veiligheidsprofiel dat geldt voor Tilburg, in aanmerking kunnen komen.

4. / 5. De beslissing tot overbrenging wordt door onze administratie genomen op basis van de criteria die ik hierboven heb aangestipt.

In het verdrag zijn afspraken gemaakt over uitsluitingen, zoals Nederlandse onderdanen (immers dit zou in conflict zijn met de andere verdragen over overname van de strafuitvoering), personen die gezocht of geseind zijn, enz.

Dat is ook een juridisch technische aangelegenheid waarmee we conflicten met andere verdragsteksten inzake uitleveringen, internationale aanhoudingsmandaten en samenwerkingsvormen willen uitsluiten.

6. Zie supra: regime, veiligheidsprofiel van de inrichting en de nationaliteit, statuut, enz., van de betrokkene.

7. Er is een akkoord over een forfaitaire overname ten belope van vijfhonderd.

Vijfhonderd is gebaseerd op het potentieel dat we hebben vastgesteld op basis van een eerste screening van onze populatie. Ik wil mij niet automatisch binden op een hoger cijfer, zonder een voldoende zekerheid te hebben dat ik voldoende mensen kan plaatsen.

Het is ook een cijfer dat tegemoet komt aan de vraag van Nederland omdat dit een populatie is die aansluit op de gemiddelde bezetting in Tilburg.

8. Het financiële aspect speelt dus inderdaad mee. We hebben er geen baat bij een overeenkomst te maken voor aantallen die we financieel niet zouden dragen of waarvoor we geen voldoende gedetineerden zouden kunnen selecteren.

9. De vergoedingen waarover is onderhandeld hebben betrekking op een globaal aanbod van verblijf in de inrichtingen, het ter beschikking stellen van de infrastructuur, het personeel, de invulling van een aantal taken en opdrachten door deze personeelsleden, het onderhoud en de verzorging van de gedetineerden, bepaalde vormen van vervoer. In de samenwerkingsovereenkomst moet dit alles worden opgelijst en dit moet nog verder uitgeklaard.

10. Neen, deze overeenkomst handelt niet over de overname van de strafuitvoering door een ander land. Dit blijft verdragrechtelijk geregeld via de instrumenten van de Raad van Europa.

Deze overeenkomst gaat over het ter beschikking stellen van huisvestingscapaciteit.

Het bijzondere ervan is dat we in deze inrichting de tenuitvoerlegging doen van Belgische veroordelingen volgens het Belgisch recht.

11. De toepassing van deze overeenkomst en van het Europees kaderbesluit zou ons te veel tijd hebben gevraagd.

12. Drieëntwintig.