Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 4-3134

van Helga Stevens (Onafhankelijke) d.d. 11 maart 2009

aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid

Dove en slechtohorende personen - Cochleaire implantaten - Terugbetaling van een tweede implantaat

Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering
ziekteverzekering
gehandicapte
lichamelijk gehandicapte
faciliteiten voor gehandicapten
medisch en chirurgisch materiaal
remgeld

Chronologie

11/3/2009 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 9/4/2009 )
22/4/2009 Antwoord

Herkwalificatie van : vraag om uitleg 4-737

Vraag nr. 4-3134 d.d. 11 maart 2009 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

In uw antwoord op mijn schriftelijke vraag nr. 4-888 over de eventuele terugbetaling van een tweede cochleair implantaat verwijst de geachte minister naar een studie waarvan het eindresultaat in juli 2008 werd voorgesteld aan het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (RIZIV).

Op basis van de resultaten van deze studie zouden de indicaties en voorwaarden bepaald worden betreffende de vergoeding van een tweede cochleair implantaat en de opname ervan in de nomenclatuur. Ook zou op grond van de resultaten een raming van het benodigde budget gebeuren, zodat een vergoeding voor het tweede cochleair implantaat kon worden opgenomen in de behoeften voor 2009.

Graag had ik een antwoord op volgende vragen gekregen :

1. Is het mogelijk me een exemplaar te bezorgen van de studie in kwestie ?

2. Zijn ondertussen de indicaties en voorwaarden reeds definitief bepaald betreffende de vergoeding van een tweede cochleair implantaat en de opname ervan in de nomenclatuur ? Heel concreet : tegen wanneer zal de terugbetaling een feit zijn ?

3. Welk bedrag is er in de begroting voor 2009 opgenomen voor de vergoeding van een tweede cochleair implantaat ? Komt dit overeen met de oorspronkelijke raming op basis van de voornoemde studie ? Zal dit bedrag de komende jaren aan de evoluerende noden aangepast worden ?

Antwoord ontvangen op 22 april 2009 :

1) Op 11 juni 2008 hebben de implanterende centra die deelnamen aan de akkoordverklaring de resultaten van de studie voorgesteld op het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (RIZIV). Het RIZIV zal u deze voorstelling bezorgen.

2) Op basis van de resultaten van de studie is een werkgroep momenteel bezig de indicaties en de voorwaarden te bepalen waaraan moet worden voldaan om in aanmerking te komen voor een vergoeding van een tweede cochleair implantaat. Verwacht wordt dat in het eerste semester van 2009 de werkgroep een voorstel tot inschrijving in de nomenclatuur zal voorleggen aan de Technische Raad voor Implantaten.

3) In de begroting 2009 werd geen specifiek budget toegekend als nieuw initiatief voor de vergoeding van een tweede cochleair implantaat. Een inschrijving in de nomenclatuur kan eventueel gefinancierd worden met de indexmassa 2009.