Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 4-2023

van Philippe Mahoux (PS) d.d. 18 november 2008

aan de minister van Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven

Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen (CGVS) - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) Ė Niet-professionele tolken - Maatregelen die betrouwbaarheid en bekwaamheid moeten garanderen - Werkgroep over het statuut van de tolken

Commissariaat-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen
Raad voor Vreemdelingenbetwistingen
politiek asiel
vluchteling
politieke vluchteling
buitenlandse staatsburger
verblijfsrecht
vreemdelingenrecht
beroep in het informatiewezen
tolken
beroepskwalificatie
personeelsstatuut

Chronologie

18/11/2008 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 18/12/2008 )
19/12/2008 Antwoord

Doorverwezen aan : schriftelijke vraag 4-2873

Vraag nr. 4-2023 d.d. 18 november 2008 : (Vraag gesteld in het Frans)

Onze asielinstanties, meer bepaald het Comissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen (CGVS) en de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV), doen in de asielprocedure een beroep op tolken.

Conform artikel 51, 4į, ß 2, derde lid, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf,de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, artikel 13, tweede lid, van het koninklijk besluit van 21 december 2006 houdende de rechtspleging voor de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen en de artikelen 20 en 21 van het koninklijk besluit van 11 juli 2003 tot regeling van de werking van en de rechtspleging voor het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen, hebben de asielzoekers het recht de bijstand van een tolk te eisen. Die tolken staan in voor de vertaling naar het Frans of het Nederlands van de verklaringen van de asielzoeker en van de documenten die door hen worden verstrekt.

Die vertalers-tolken maken geen deel uit van de personeelsformatie van het CGVS of van de RvV. Zij hebben het statuut van zelfstandige en worden per prestatie betaald.

In het verleden moest de professionele of beŽdigde kandidaat-vertaler-tolk, alvorens door de CGVS te worden aanvaard, een gesprek hebben met de tolkendienst van die instelling zelf, die de talenkennis van de kandidaat beoordeelde alsook zijn vermogen om zich neutraal, objectief en onafhankelijk op te stellen. Elke kandidaat moest de beginselen van de deontologische code, namelijk neutraliteit, objectiviteit en onafhankelijkheid, onderschrijven. De kandidaat moest bovendien een bewijs van goed gedrag en zeden voorleggen en legaal in BelgiŽ verblijven. Tot slot werd voor elke nieuwe kandidaat-tolk het advies van de Staatsveiligheid gevraagd.

Het CGVS kon echter niet altijd een beroep doen op een professionele of beŽdigde tolk omdat die voor sommige zeldzame talen niet beschikbaar was. Welke maatregelen werden in die gevallen genomen om de betrouwbaarheid en bekwaamheid van de vertaler te garanderen?

Ook werd een werkgroep belast met het uitwerken van een nauwkeurig werkkader voor de vertalers-tolken en een duidelijk statuut. Tot welke conclusies is die werkgroep gekomen, meer bepaald aan welke specifieke voorwaarden moeten die vertalers-tolken bij de indienstneming voldoen zodat de instelling zich tegen alle mogelijke vormen van fraude kan beschermen?

Er moeten absoluut voldoende garanties aanwezig zijn om onze instellingen te beschermen tegen feiten van mensenhandel, corruptie of valsheid in geschrifte, zaken die in het verleden al zijn voorgekomen.

Antwoord ontvangen op 19 december 2008 :

Ik deel het geachte lid mee dat deze materie niet onder mijn bevoedheden valt en dat de vraag derhalve moet gesteld worden aan mijn collega van Migratie- en asielbeleid die de voogdij uitoefend over het Commissariaat-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen.