SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2018-2019 Zitting 2018-2019
________________
15 janvier 2019 15 januari 2019
________________
Question écrite n° 6-2202 Schriftelijke vraag nr. 6-2202

de Katia Segers (sp.a)

van Katia Segers (sp.a)

au vice-premier ministre et ministre des Finances, chargé de la Lutte contre la fraude fiscale, et Ministre de la Coopération au développement

aan de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude, en Minister van Ontwikkelingssamenwerking
________________
Arts de la scène - Tax shelter - Dépenses fiscales Podiumkunsten - Tax Shelter - Fiscale uitgave 
________________
arts du spectacle
stimulant fiscal
déduction fiscale
impôt sur les sociétés
dramatische kunst
fiscale stimulans
belastingaftrek
vennootschapsbelasting
________ ________
15/1/2019 Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 14/2/2019 )
23/5/2019 Einde zittingsperiode
15/1/2019 Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 14/2/2019 )
23/5/2019 Einde zittingsperiode
________ ________
Herindiening van : schriftelijke vraag 6-1968 Herindiening van : schriftelijke vraag 6-1968
________ ________
Question n° 6-2202 du 15 janvier 2019 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 6-2202 d.d. 15 januari 2019 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Le régime fiscalement avantageux du Tax Shelter - une mesure fédérale - est déjà connu depuis 2003 dans le secteur du cinéma et de la télévision. Depuis le 1er février 2017, ce régime fiscal n'est plus réservé aux films et séries télévisées et s'applique également aux arts de la scène. Cette initiative a été prise après que le ministre flamand Sven Gatz et sa collègue francophone Alda Greoli eurent demandé au ministre Van Overtveldt d'élargir la réglementation aux arts de la scène (cf. https://svengatz.prezly.com/38 miljoen euro meer voor cultuur dankzij tax shelter podiumkunsten).

Le 24 novembre 2016, le ministre Van Overtveldt a déclaré à ce sujet que l'extension du Tax Shelter facilitera l'accès des producteurs des arts de la scène aux investisseurs privés. Ces moyens financiers supplémentaires augmenteront sans aucun doute les possibilités et la réputation internationale de ce secteur créatif (cf. https://vanovertveldt.belgium.be/fr/davantage-de-capital-priv%C3%A9-pour-les-arts-de-la-sc%C3%A8ne-gr%C3%A2ce-au-tax-shelter).

L'investisseur peut exonérer une partie de son bénéfice imposable. L'exonération équivaut à 150 % de la valeur fiscale de l'attestation Tax Shelter.

Le 29 mars 2018, au cours de la réunion de la commission de la Culture, de la Jeunesse, des Sports et des Médias du Parlement flamand, le ministre flamand Sven Gatz a indiqué que 204 organisations avaient introduit une demande. Sur ces 204 demandes, 172 ont été approuvées. Cette information figure également dans le rapport d'évaluation du département de la Culture, de la Jeunesse et des Médias (CJM) de l'autorité flamande sur le Tax Shelter Arts de la scène (cf. https://cjsm.be/cultuur/sites/cjsm.cultuur/files/public/180502_taksshelter2017_evaluatie20180328.pdf). On a estimé à près de 38 millions d'euros l'investissement que le Tax Shelter pour les arts de la scène a produit au cours de la première année (cf. https://svengatz.prezly.com/38 miljoen euro meer voor cultuur dankzij tax shelter podiumkunsten#).

Je souhaite poser la question suivante au ministre en ce qui concerne cet incitant fiscal :

Sur les 38 millions d'euros investis dans les arts de la scène via le Tax Shelter, combien les dépenses fiscales représentaient-elles ?

 

Het fiscaal gunstregime van de Tax Shelter - een federale maatregel - is al sinds 2003 bekend in de cinema en televisiesector. Sinds 1 februari 2017 geldt de fiscale regeling ook voor de podiumkunsten en is ze niet langer voorbehouden voor film en televisiereeksen. Dit initiatief kwam er nadat Vlaams minister Sven Gatz en zijn Franstalige collega Alda Greoli aan minister Van Overtveldt vroegen om de regeling ook open te stellen voor de podiumkunsten (cf. https://svengatz.prezly.com/38 miljoen euro meer voor cultuur dankzij tax shelter podiumkunsten).

Op 24 november 2016 communiceerde minister Van Overtveldt hierover het volgende : " Dankzij de uitbreiding van de tax shelter zullen producenten van podiumkunsten gemakkelijker toegang krijgen tot privé investeerders. Die extra financiële middelen zullen de mogelijkheden en internationale reputatie van deze creatieve sector ongetwijfeld ten goede komen. " (cf. https://vanovertveldt.belgium.be/nl/meer privékapitaal voor podiumkunsten dankzij tax shelter.

De investeerder kan een deel van zijn belastbare winst vrijstellen. De vrijstelling is gelijk aan 150 % van de fiscale waarde van het Tax Shelter attest.

Tijdens de vergadering van de commissie voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media van het Vlaams Parlement van 29 maart 2018 gaf Vlaams minister Sven Gatz aan dat er 204 organisaties een aanvraag hadden ingediend. Van die 204 aanvragen werden er 172 goedgekeurd. Die informatie konden we ook terugvinden in het evaluatierapport van het departement Cultuur, Jeugd en Media (CJM ) van de Vlaamse overheid over de Tax Shelter podiumkunsten (cf. https://cjsm.be/cultuur/sites/cjsm.cultuur/files/public/180502_taksshelter2017_evaluatie20180328.pdf). De investering die de Tax Shelter voor de podiumkunsten opleverde in het eerste jaar wordt op ongeveer 38 miljoen euro geschat (cf. https://svengatz.prezly.com/38 miljoen euro meer voor cultuur dankzij tax shelter podiumkunsten#).

Over die fiscale steunmaatregel heb ik voor de geachte minister volgende vraag :

Hoeveel bedroeg de fiscale uitgave op de 38 miljoen euro die geïnvesteerd werd via de Tax Shelter in podiumkunsten ?