BELGISCHE SENAAT
________
Zitting 2007-2008
________
30 januari 2008
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 4-276

de Martine Taelman (Open Vld)

aan de vice-eersteminister en minister van Begroting, Mobiliteit en Institutionele Hervormingen
________
Uitlaten van honden - Verbod voor fietsers om al rijdend het dier aan de leiband te houden - "Springer"-systeem
________
verkeersregels
verkeersveiligheid
huisdier
tweewielig voertuig
________
30/1/2008 Verzending vraag
28/2/2008 Antwoord
________
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 4-276 d.d. 30 januari 2008 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Een hond heeft voldoende beweging nodig. Daar is wellicht iedereen het over eens. Zeker sleehonden of windhonden, die moeten voldoende mogelijkheid hebben om zich te trainen. Met een hond aan de leiband fietsen, mag echter niet. Vaak is dit echter de enige manier om ze eens goed te doen rennen. In België zegt het verkeersreglement “43.1. Het is fietsers en bromfietsers verboden te rijden: 4º terwijl zij een dier aan het leizeel houden”.

Letterlijk betekent een leizeel om een dier met de hand te leiden. Het is trouwens een ietwat verouderde term. Er bestaan echter veilige apparaten waarbij een hond wel uitgelaten kan worden zonder gebruik te maken van een leiband of teugel. De beide handen van de fietser kunnen zo blijven waar ze moeten zijn, namelijk aan het stuur. Een veilig apparaat om toch je hond uit te laten met de fiets en toch je handen vrij te hebben, is bij voorbeeld de “springer”. Dit systeem wordt bevestigd onder het zadel van de fiets, en biedt dan veel stabiliteit. De veer zorgt ervoor dat de schokbewegingen worden opgevangen en men heeft steeds de twee handen aan het stuur. In Nederland is het toegelaten om dit systeem op de openbare weg te gebruiken. Tevens wil ik erop wijzen dat een fietser een karretje met kinderen in, wel mag slepen.

Op internet zijn er een massa links hieromtrent die steeds positieve commentaar geven over de “springer”.

(http://www.dogweb.nl/winkel/springer.html, http://www.springerusa.com)

Vandaar kreeg ik graag een antwoord op de volgende vragen:

1. Wil de geachte minister het artikel 4.3. “Het is fietsers en bromfietsers verboden te rijden: 4º terwijl zij een dier aan het leizeel houden” vervangen door: “Het is fietsers en bromfietsers verboden te rijden: 4º terwijl zij een dier aan het leiband houden. Onder een leiband wordt elke koord met lus dat met de hand vastgehouden wordt en waarbij een dier wordt vastgehouden, verstaan”?

2. Kan hij via deze verduidelijking van deze term, veilige systemen toelaten zoals de “springer”?

Dankzij deze maatregel kunnen particulieren hun windhonden trainen en hondenliefhebbers op een veilige manier met hun hond kunnen gaan fietsen.

Antwoord ontvangen op 28 februari 2008 :

1 en 2. Het voorstel van het geachte lid gaat voorbij aan de ratio legis van het sinds 1976 bestaande verbod te fietsen met een dier aan het leizeel. De bedoeling van dit verbod is niet enkel dat de fietser beide handen op het stuur moet houden, maar ook dat hij met het dier dat hij meevoert geen andere weggebruikers in gevaar brengt. Of het leizeel van het dier met de hand wordt vastgehouden, dan wel onder het fietszadel wordt vastgemaakt, is daarbij zonder belang.

Het verkeer is ons land is immers zeer druk en er zijn weinig of geen plaatsen waar een fietser het hele traject op de openbare weg voor zich alleen heeft. Overal in het verkeer — dat vaak zeer gemengd is — moet een fietser rekening houden met andere verkeersdeelnemers die niet mogen opgeschrikt of gehinderd worden door meegevoerde dieren. In het geval van rennende honden bijvoorbeeld kunnen de risico's verband houden met hun eventuele snelheid, impulsiviteit, agressiviteit of nog, hun lichaamsmassa.

Specifiek wat de mérites betreft van het door u aangehaalde « Springer »-systeem, blijkt duidelijk dat het een product betreft dat geheel in functie van het comfort en de intensieve fysieke training van honden is ontworpen, maar een impact met andere weggebruikers niet zou verhinderen.

De informatie op de door u geciteerde websites van de Amerikaanse fabrikant en de Belgische distributeur is daarover duidelijk.

Het argument dat fietsers kinderen in aanhangwagentjes mogen vervoeren is hier niet relevant; deze regeling werd — mits de nodige beperkingen — in 2003 ingevoerd op grond van het recht op mobiliteit voor allen. Daarbij komt nog dat andere weggebruikers van deze fietskarren voor kinderen geen onvoorziene bewegingen moeten vrezen, in tegenstelling tot het gedrag van een dier.

In deze omstandigheden acht ik een wijziging van het artikel 43.1 van de Wegcode niet opportuun.

De verkeersveiligheid primeert immers boven het relatieve voordeel dat honden hebben bij intensievere lichaamsbeweging.