Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-8417

van Dirk Claes (CD&V) d.d. 8 maart 2013

aan de staatssecretaris voor Leefmilieu, Energie en Mobiliteit, toegevoegd aan de minister van Binnenlandse Zaken en Gelijke Kansen, en staatssecretaris voor Staatshervorming, toegevoegd aan de eerste minister

Vrachtvervoer - Ecocombi's - Supertrucks - Proefprojecten - Gewesten - Gevolgen

wegvervoer
samenwerkingsakkoord (Belgisch institutioneel kader)
bedrijfsvoertuig

Chronologie

8/3/2013Verzending vraag
28/5/2013Antwoord

Vraag nr. 5-8417 d.d. 8 maart 2013 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Het koninklijk besluit van 19 maart 2012 betreffende langere en zwaardere slepen in het kader van proefprojecten werd op 28 maart 2012 in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd. Hiermee is de eerste stap gezet naar de mogelijkheid om met ecocombi's (ook wel supertrucks of monstertrucks genoemd) in België te kunnen rondrijden.

De bal ligt nu in het kamp van de gewesten want de proefprojecten kunnen pas van start gaan als de gewestelijke overheden hun bevoegdheden hebben geregeld.

Graag had ik een antwoord ontvangen op onderstaande vragen:

1) Wat is momenteel de status van het ecocombidossier in België? Hebt u van de gewesten al de nodige aanvragen gekregen om van start te gaan met proefprojecten? Werden er al proefprojecten georganiseerd? Waar liggen eventuele knelpunten?

2) Voor de organisatie van de proefprojecten met betrekking tot de bevoegdheden van de verschillende overheden, raadde de Raad van State aan deze te regelen in een samenwerkingsakkoord. Hoe ver staat het hiermee? Werd dit aan de gewesten overgemaakt en wat was hun reactie?

3) Plant de geachte staatssecretaris nog overleg met de gewesten aangaande dit dossier? Zullen er vanuit de federale overheid nog initiatieven genomen worden om ecocombi's mogelijk te maken?

4) Wat is zijn mening aangaande het inzetten van ecocombi's op de Belgische wegen? Welke economische en ecologische gevolgen denkt hij dat het gebruik van zulke voertuigen met zich meebrengt?

Antwoord ontvangen op 28 mei 2013 :

Ik heb de eer de heer senator het volgende te antwoorden : 

1) Ik heb van de gewesten nog geen aanvraag gekregen om van start te gaan met proefprojecten. Ik heb geen kennis van al georganiseerde proefprojecten dat ook door de gewestelijke diensten aan mijn administratie is bevestigd.

In een Waals besluit betreffende zwaar vervoer, in voege getreden sinds 1 januari 2013, wordt geen melding gemaakt van proefprojecten voor langere zwaardere voertuigen (LZV). De Vlaamse Regering heeft het ontwerp van decreet betreffende de bescherming van de verkeersinfrastructuur in geval van bijzonder wegtransport goedgekeurd. Dit ontwerpdecreet voorziet proefprojecten voor LZV. Het ontwerpdecreet voorziet ook een inwerkingtreding op een door de Vlaamse Regering vast te stellen datum en stelt de uiterste datum van inwerkingtreding vast op 1 juli 2014. In afwachting van de verdere parlementaire werkzaamheden, bereidt de administratie alvast de nodige uitvoeringsbesluiten voor. 

2 en 3) In zijn advies op het koninklijk besluit van 19 maart 2012 heeft de Raad van State inderdaad voorgesteld de verschillende bevoegdheden te organiseren in samenwerking tussen de betrokken overheden. Tussen de Vlaamse en de federale administraties zijn hierover al gesprekken geweest. De Vlaamse administratie is zeer zeker bereid om daarover samen verder van gedachten te wisselen en, in geval van akkoord, dit ook formeel te regelen naar analogie met het al bestaande samenwerkingsprotocol voor het uitzonderlijk vervoer. Op korte termijn zal mijn administratie een initiatief nemen om dit overleg op te starten. 

4) De ervaring uit de proefprojecten in Nederland bewijst dat het gebruik van LZV het aantal voertuigkilometers en daardoor het energieverbruik en de uitstoot vermindert.

Het aantal ritten is verminderd terwijl er geen negatieve effecten werden vastgesteld op de verkeersveiligheid. De proeven zijn afgesloten en nu worden de LZV toegelaten.

Er bestaat in Europa geen eensgezindheid over het gebruik van LZV, afhankelijk van het wegennetwerk en de verkeersintensiteit. Proefprojecten in België zouden kunnen uitwijzen of de gevolgen vergelijkbaar zijn met deze vastgesteld in de lidstaten waar hun gebruik is toegelaten.