Commissie voor Politieke vernieuwing

 
48
Armand De Decker (MR)

Armand De Decker (MR) zit de commissie Politieke vernieuwing voor, samen met volksvertegenwoordiger Dirk Van der Maelen (sp.a). Hij maakt een balans op van het gepresteerde werk.

Armand De Decker (MR): Ik moet toegeven dat ik met gemengde gevoelens tegenover deze commissie stond. Ze heeft redelijk goed gewerkt, maar we werden geconfronteerd met een zekere tegenstrijdigheid. Hoewel de regering de commissie Politieke vernieuwing aanvankelijk aanmoedigde een belangrijke rol te spelen, werd de commissie al heel vlug "ingehaald" door de regering, die op bepaalde punten zelf initiatieven nam.

Binnen een regering verlopen besprekingen uiteraard veel gemakkelijker dan in een parlement, omdat in de regering alleen coalitiepartijen zetelen, terwijl er in het parlement ook een oppositie is.

We hebben dus vaak de indruk gehad dat de regering ons wilde voorbijsteken. Niettemin hebben we verslagen gepubliceerd die zeer belangrijk zijn, althans voor diegenen die er gebruik van willen maken.

     

Belangrijkste behandelde onderwerpen

De directe democratie
(wetgevingsdossier : 2-416)

De politieke vernieuwing
­ Inleidende bespreking
(wetgevingsdossier : 2-491)

De vertegenwoordigende democratie
(wetgevingsdossier : 2-506)

De deontologie van het politieke mandaat
(wetgevingsdossier : 2-566)

 

Leden senatoren

Armand De Decker (MR), voorzitter
Jacinta De Roeck (Agalev),
eerste ondervoorzitter
Georges Dallemagne (cdH),
tweede ondervoorzitter
Paul De Grauwe (VLD)
Mimi Kestelijn-Sierens (VLD)
Martine Taelman (VLD)
Mia De Schamphelaere (CD&V)
Erika Thijs (CD&V)
Hugo Vandenberghe (CD&V)
Jean-François Istasse (PS)
Philippe Mahoux (PS)
Philippe Monfils (MR)
Jurgen Ceder (Vl. Blok)
Myriam Vanlerberghe (sp.a)

Marcel Cheron (Ecolo)
René Thissen (cdH)

We hebben ons eerst gebogen over het vraagstuk van de directe democratie ­ het referendum en de volksraadpleging ­, vervolgens over de vertegenwoordigende democratie ­ de huidige werking van het parlement ­ en ten slotte over de politieke deontologie. Voor de eerste twee onderwerpen zijn onze werkzaamheden beëindigd. We hebben verschillende universiteitsprofessoren geraadpleegd en hun adviezen geanalyseerd. Indien politieke partijen of een volgende regering er gebruik wil van maken, is ons werk nuttig geweest. Het materiaal is er. Het werk is af. De gekozenen of de partijen kunnen er nu gebruik van maken.

Ook inzake politieke deontologie hebben we vooruitgang geboekt. Samen met professoren hebben we een commissiedebat georganiseerd. Daarna heb ik, samen met voorzitter Van der Maelen, een voorontwerp van deontologische code opgesteld, waarvan we hopen dat Kamer en Senaat het nog vóór het einde van deze regeerperiode zullen goedkeuren.

Opmerkingen voor de webmaster

texte français << ^ >>